zomerakkoord

Article

Welke maatregelen hebben de eindmeet gehaald?

Nieuwsbrief Actualiteiten, januari 2018

Eind december 2017 verschenen zowel de Programmawet, de wet houdende fiscale bepalingen als de wet op de hervorming van de vennootschapsbelasting in het Belgisch Staatsblad. Bepaalde afspraken uit het Zomerakkoord werden geconcretiseerd. We geven een overzicht van een aantal belangrijke maatregelen.

Programmawet

De Programmawet bevat een hele reeks maatregelen die in werking treden op 1 januari 2018.

Mogelijkheid om een winstpremie uit te keren
Vanaf 1 januari 2018 kunnen werkgevers een winstpremie uitkeren aan hun werknemers. Het gaat om een nieuwe sociaal en fiscaal aantrekkelijke mogelijkheid voor ondernemingen om een deel van de winst toe te kennen aan de werknemers.

Verhoging Wijninckx-bijdrage
De bijzondere sociale zekerheidsbijdrage voor de aanvullende pensioenen verhoogt van 1,5 % naar 3 % vanaf 1 januari 2018.

Uitbreiding toepassingsgebied flexi-jobs
Vanaf 1 januari 2018 vinden we flexi-jobs terug in andere sectoren dan de horeca (bijvoorbeeld de sectoren voedingswaren en kappers). Bovendien komen niet enkel personen die al een tewerkstelling hebben van minimaal 4/5e bij een andere werkgever in aanmerking, maar ook gepensioneerden.

Hervorming vennootschapsbelasting

Deze wet bevat onder andere volgende belangrijke maatregelen.

Minimumbezoldiging van 45.000 EUR
Elke vennootschap moet aan minstens één bedrijfsleider-natuurlijke persoon een bezoldiging uitkeren van minimum 45.000 EUR. Zo niet, wordt de vennootschap onderworpen aan een bijkomende aanslag. Op deze regeling bestaan uitzonderingen zoals startende vennootschappen of wanneer de belastbare winst minder dan
45.000 EUR bedraagt. Voor groepen van vennootschappen geldt een afwijkende regeling. Deze maatregel is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019 verbonden aan een belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 1 januari 2018.

Aftrekbaarheid autokosten door werkgever
Zoals we in ons vorig nummer bespraken, wordt de link tussen de aftrek van autokosten en CO2-uitstoot versterkt.

Daarnaast worden de hybride wagens met een beperkte batterijcapaciteit of de plug-in hybride aangepakt. Houd er rekening mee dat de definitie van een plug-in hybride nog werd gewijzigd. Het gaat om een oplaadbaar hybridevoertuig uitgerust met een elektrische batterij die een energiecapaciteit heeft van minder dan 0,5 kWh per 100 kilogram van het wagengewicht of een uitstoot heeft van meer dan 50 gram CO2 per kilometer (het oorspronkelijk ontwerp bepaalde de grens op 0,6 kWh). De wijzigingen treden pas in werking vanaf aanslagjaar 2021 (verbonden aan een belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 1 januari 2020), behalve voor de aftrekbaarheid van autokosten in de personenbelasting (treedt in werking vanaf aanslagjaar 2019).

Verder werden volgende maatregelen gepubliceerd. Meer details hiervoor kunt u lezen in onze vorige edities.

  • Kapitaalverminderingen zijn niet meer altijd belastingvrij in hoofde van een aandeelhouder/natuurlijk persoon. Dit is het geval als het eigen vermogen niet enkel uit kapitaal, maar ook uit reserves bestaat. De kapitaalvermindering wordt dan verhoudingsgewijs aangerekend op enerzijds het kapitaal en anderzijds de reserves. De aanrekening op reserves wordt belast als een dividendinkomen.
  • In de vennootschapsbelasting wordt het basistarief van de investeringsaftrek tijdelijk (voor investeringen tussen 1 januari 2018 en 31 december 2019) verhoogd van 8 % naar 20 % en dit voor kmo-vennootschappen.
  • De DBI-aftrek wordt in het algemeen uitgebreid van 95 % naar 100 %.
  • Het algemeen tarief van de vennootschapsbelasting daalt in een eerste fase naar 29 %. Voor kmo- vennootschappen daalt het tarief
    op de eerste schijf van 100.000 EUR naar 20 %. Voorwaarde is wel dat kmo-vennootschappen aan minstens één bedrijfsleider een bezoldiging van minimaal 45.000 EUR per jaar uitkeren.

Gepubliceerd op 15/01/2018
Pascal Verschueren
 

Onze maandelijkse gratis nieuwsbrief ontvangen in je mailbox? Klik hier
Did you find this useful?