winstuitkeringen-vennootschap

Article

Winstuitkeringen uit de vennootschap

Hoe fiscaalvriendelijk kan dit?

Nieuwsbrief Actualiteiten, april 2019

Hierna zetten we kort een aantal mogelijkheden op een rij (vanuit het oogpunt van de aandeelhouder-natuurlijk persoon) om winstuitkeringen naar de aandeelhouders te structureren. Gezien elke mogelijkheid zijn eigen belastingtarief en specifieke voorwaarden kent, vereist het uitstippelen van een dividendpolitiek meer dan ooit een langetermijnvisie van de vennootschap en aandeelhouders.

Dividenduitkering

De winst die als dividend wordt uitgekeerd aan de aandeelhouder, is in principe onderworpen aan 30 % roerende voorheffing.

Wanneer de aandelen op naam echter uitgegeven werden naar aanleiding van nieuwe inbrengen in geld vanaf 1/7/2013 en in een kmo-vennootschap, worden de dividenden onderworpen aan een roerende voorheffing van 15 %. Dit tarief is slechts van toepassing op dividenden toegekend uit de winstverdeling van het derde boekjaar (en volgende) na dat van de inbreng. Eerdere dividenduitkeringen (uit winstverdeling van tweede boekjaar na dat van de inbreng) worden onderworpen aan een roerende voorheffing van 20 %. 

Voorbeeld: dividenduitkering van 10.000 EUR
Voor de vennootschap:
    nettokost dividend:                              10.000 EUR

Voor de aandeelhouder:                                30 % RV                15 % RV
    brutodividend                                        10.000 EUR           10.000 EUR
    roerende voorheffing                           - 3.000 EUR            - 1.500 EUR
    netto-inkomen                                         7.000 EUR              8.500 EUR

Rendement: 70 % tot 85 %

Kapitaalvermindering

Tot vóór 2018 bestond de mogelijkheid om via een kapitaal­vermindering een volledig belastingvrije uitkering te doen aan de aandeelhouders. Vanaf 2018 wordt een kapitaalvermindering echter gedeeltelijk aan roerende voorheffing (RV) onderworpen als de uitkerende vennootschap naast werkelijk gestort kapitaal ook reserves heeft. De (gedeeltelijke) toerekening op het gestort kapitaal blijft wel onbelast. Omvat het kapitaal ook zogenaamde ‘vastgeklikte reserves’, dan moeten deze bij voorrang uitgekeerd worden. Mits de wachttermijn wordt nageleefd, kan dit nog steeds vrij van RV. 

Voorbeeld: kapitaalvermindering van 10.000 EUR in een vennootschap met 50.000 EUR werkelijk gestort kapitaal en 50.000 EUR belaste reserves.
5.000 EUR zal onderworpen worden aan RV (in principe 30 %)
5.000 EUR zal zonder RV kunnen uitgekeerd worden.

Rendement: afhankelijk van de verhouding van de reserves ten opzichte van het werkelijk gestort kapitaal

Liquidatiereserve

Sedert aanslagjaar 2015 bestaat de mogelijkheid om een liquidatiereserve aan te leggen. De liquidatiereserve biedt de mogelijkheid aan kmo-vennootschappen om hun boekhoudkundige winst na belasting te reserveren om deze dan later, op het ogenblik van vereffening, belastingvrij te kunnen uitkeren. De prijs die de vennootschap hiervoor betaalt is een anticipatieve heffing van 10 %. Er is echter een bijkomende roerende heffing verschuldigd indien de reserves vóór de vereffening worden uitgekeerd. Het tarief van deze heffing bedraagt 5 % of 20 % afhankelijk of de aangetaste liquidatiereserves al dan niet ouder zijn dan 5 jaar.

Voorbeeld: winst na belastingen 10.000 EUR, maximaal te bestemmen als liquidatiereserve
Voor de vennootschap:
      afzonderlijke aanslag:                            909,09 EUR
      liquidatiereserve:                                 9.090 91 EUR
      nettokost liquidatiereserve:             10.000,00 EUR

Voor de aandeelhouder:                                    5 % RV                20 % RV
    vervroegde uitkering liq.res.               9.090 91 EUR        9.090 91 EUR
    roerende voorheffing                           - 454,55 EUR        -1.818,18 EUR
    netto-opbrengst                                   8.636,36 EUR         7.272,73 EUR

Rendement: 72,7 % tot 86,4 % (of 90,9 % indien gewacht wordt tot liquidatie)

Vereffening

Bij de vereffening van een vennootschap worden alle vrijgestelde reserves –te verhogen/verminderen met het liquidatieresultaat– belastbaar in de vennootschap. Er is 30 % roerende voorheffing verschuldigd op alles wat de aandeelhouder uit de vereffening méér ontvangt dan de terugbetaling van het werkelijk gestort kapitaal. Hierbij wordt de uitkering van een eerder aangelegde liquidatiereserve gelijkgesteld met een terugbetaling van gestort kapitaal.

Voorbeeld: liquidatieuitkering van 10.000 EUR
Voor de vennootschap:
    nettokost liquidatiebonus:                    10.000 EUR

Voor de aandeelhouder:
    brutodividend                                        10.000 EUR                           
    roerende voorheffing                           - 3.000 EUR
    netto-opbrengst                                      7.000 EUR

Rendement: 70 % (tot 100 % voor terugbetaling gestort kapitaal)

Gepubliceerd op 23/04/2019
Birgit Rassaert, brassaert@deloitte.com

Did you find this useful?