covid-19-verantwoording-fiscale-vrijstelling-waardeverminderingen-handelsvorderingen

Article

COVID-19 als verantwoording voor de fiscale vrijstelling van waardeverminderingen op handelsvorderingen

Nieuwsbrief Actualiteiten, april 2020

Circulaire 2020/C/45 van 23/03/2020 bevestigt dat COVID-19 kan worden beschouwd als een bijzondere omstandigheid die de vrijstelling rechtvaardigt van waardeverminderingen op handelsvorderingen*.

Concreet betekent dit dat geboekte waardverminderingen op handelsvorderingen fiscaal kunnen worden vrijgesteld, in de mate dat de waarschijnlijkheid van het verlies het gevolg is van het coronavirus.

De andere voorwaarden vereist om de fiscale aftrek van een waardevermindering op handelsvorderingen* te verantwoorden, blijven onverkort van toepassing. Zo moet, onder andere, de beoordeling van het verlies op een vordering per schuldenaar gemaakt worden en moet de schuldenaar met solvabiliteitsproblemen in een bijlage aan de aangifte (opgave 204.3) geïdentificeerd worden.

De circulaire meldt tenslotte dat de administratie enige soepelheid zal toepassen bij de beoordeling van de inningsmoeilijkheden ten aanzien van de klant waarvan de omzet aanzienlijk is afgenomen door de gevolgen van het coronavirus.

* Het moet gaan om handelsvorderingen die niet worden vertegenwoordigd door obligaties of andere gelijkaardige effecten op naam of aan toonder of die gedematerialiseerd zijn.

 

Gepubliceerd op 23/04/2020
Birgit Rassaert, brassaert@deloitte.com

Did you find this useful?