bevooroordeel-uw-partner-zonder-erfbelasting

Article

Bevoordeel uw partner zonder erfbelasting

Nieuwsbrief Actualiteiten, november 2020

Echtgenoten kunnen elkaar financieel beschermen door in hun huwelijkscontract te stipuleren dat het vermogen van de partner die eerst komt te overlijden geheel of gedeeltelijk toekomt aan de langstlevende.

 

Zo kunnen echtgenoten gehuwd onder het wettelijk stelsel er voor opteren om via een ‘verblijvingsbeding’ de volledige huwgemeenschap te laten toekomen aan de overlevende partner. Die verkrijgt dan niet alleen zijn/haar helft ervan, maar ook die van de overledene. Op hetgeen de langstlevende echtgenoot als surplus verkrijgt zal er echter erfbelasting verschuldigd zijn (behoudens de wettelijk voorziene uitzondering voor de gezinswoning).

De inwerkingtreding van het nieuwe huwelijksvermogensrecht (2018) voorziet een overeenkomstige toepassing van het verblijvingsbeding in het stelsel van scheiding van goederen. Met dien verstande dat dit uiteraard niet kan voor de (onbestaande) ‘huwgemeenschap’, maar wel voor goederen waarvan de echtgenoten samen onverdeeld eigenaar zijn. Indien gewenst kan zo het volledig onverdeeld vermogen toebedeeld worden aan de langstlevende.

Dit kan zelfs voor goederen die oorspronkelijk eigen waren, mits er vooraf een onverdeeld vermogen gecreëerd wordt door eigen goederen in onverdeeldheid te brengen. Dit kan zelfs met ongelijke inbreng. Op deze onverdeeldheid kan dan het verblijvingsbeding toegepast worden.

De uitwerking van een verblijvingsbeding op een onverdeeld vermogen zal in Vlaanderen geen aanleiding geven tot erfbelasting.
De Vlaamse Codex Fiscaliteit stelt immers enkel de verblijving van een gemeenschappelijk vermogen –cf. wettelijk stelsel– belastbaar. Dit werd recent bevestigd door de Vlaamse Belastingdienst. Alhoewel de Waalse en Brusselse wetsbepalingen identiek zijn aan de Vlaamse, is hier nog geen officieel standpunt van de Administratie bekend.

Let wel: heeft het verblijvingsbeding toepassing op onroerende goederen, dan zal er een verdeelrecht van 2,5 % in Vlaanderen en 1 % in het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest verschuldigd zijn wanneer het beding uitwerking krijgt.

Bovendien moet elke situatie afzonderlijk beoordeeld worden op haar mogelijkheden, gezien ook hier de fiscus de toepassing van de antimisbruikbepaling niet schuwt …

 

Gepubliceerd op 27/11/2020
Pieterjan Vanfleteren, pvanfleteren@deloitte.com

Did you find this useful?