Article

KMO-update

Beding van aanwas als alternatief voor schenking tussen partners

Partners opteren er vaak voor om reeds bij leven bepaalde vermogensbestanddelen elkaar over te dragen. Hiertoe zijn er twee belangrijke beweegredenen.

Vooreerst is er de bezorgdheid om de langstlevende der partners financieel zelfstandig achter te laten. Door bij leven aan elkaar te schenken, behoren de geschonken goederen tot het eigen vermogen van de begiftigde, waardoor deze autonoom over deze goederen kan beschikken. Partijen kunnen echter moeilijk inschatten wie de langstlevende partner zal zijn. Om te vermijden dat de schenker-langstlevende partner successierechten moet betalen op de door hem geschonken goederen die zich bij overlijden van de begiftigde in diens vermogen bevinden, geschieden de schenkingen aan elkaar onder de ontbindende voorwaarde van vooroverlijden van de begiftigde.

Ingevolge deze ontbindende voorwaarde wordt de schenking door de langstlevende aan de eerststervende ontbonden: het geschonkene keert terug naar de langstlevende. De schenking door de eerststervende aan de langstlevende daarentegen blijft gelden. Gehuwden hoeven geen ontbindende voorwaarde in te lassen. De langstlevende echtgenoot kan de geschonken goederen immers te allen tijde en zonder enige motivering doen terugkeren via de herroeping van schenking tussen echtgenoten, ook na overlijden van de begiftigde.

Bovendien wordt een overdracht bij leven ook ingegeven door de wens om onder de schenkingsrechten te ressorteren in plaats van onder de hoge successierechten.

Eenzelfde begunstiging/bescherming van de langstlevende der partners kan echter ook bekomen worden via een beding van aanwas dat fiscaal gezien vaak nog interessanter is dan een schenking.

Wat is een beding van aanwas?

Een beding van aanwas is een overeenkomst - logischerwijze niet eenzijdig herroepbaar- tussen twee of meer partijen waarbij zij bij wijze van kanscontract overeenkomen dat bij overlijden van de eerstervende onder hen, de eigendom (volle eigendom/blote eigendom/vruchtgebruik) van een onverdeelde aandeel in een roerend of onroerend goed - of van een gelijkwaardig roerende of onroerend goed dat elk der partijen voor de totaliteit in zijn of haar eigen vermogen bezit- van de eerststervende zal aanwassen bij het deel of het goed van de overlevende. Elke partij staat met andere woorden zijn goed - of het onverdeelde aandeel in een goed - af aan de andere onder de opschortende voorwaarde van zijn eigen vooroverlijden.

Het gaat aldus om een kanscontract: Als tegenprestatie voor de afstand onder opschortende voorwaarde verkrijgt de overdrager de kans om de eigendom van het een goed - of het onverdeelde aandeel in een goed - te verkrijgen indien hij het langst leeft.

Opdat een beding van aanwas geldig zou zijn, is bovendien vereist dat het kanscontract onder bezwarende titel afgesloten wordt: elke deelgenoot dient bij het afsluiten van het beding van aanwas aldus een gelijke kans te hebben om het goed - of het onverdeelde aandeel in een goed - van de andere te verwerven (= onder bezwarende titel). Concreet wordt de gelijkheid in kansen hoofdzakelijk beoordeeld op basis van de criteria leeftijd en gezondheid van de partijen. Het is raadzaam om in het beding expliciet op te nemen dat partijen een gelijke kans hebben om het goed –of aandeel daarin te verwerven. Dit geldt zeker voor het beding van aanwas tussen echtgenoten aangezien dergelijk beding weerlegbaar vermoed wordt een schenking uit te maken.

Taxatie geldig beding van aanwas

Aangezien de verkrijging door de langstlevende der partijen plaatsvindt buiten de nalatenschap om wordt de verkrijging evenmin onderworpen aan progressieve successierechten. De verkrijging wordt als volgt getaxeerd:

  • Verkrijging onroerende goederen gelegen in Vlaanderen: ingevolge het beding van aanwas is het evenredig verkooprecht van 10% verschuldigd op het goed –of het aandeel van het goed- van de eerststervende dat aanwast. Deze 10% is pas verschuldigd bij de effectieve overdracht van het onroerend goed. l
    Naarmate de waarde van het onroerend goed stijgt wordt het beding van aanwas met het vlak tarief van 10% aantrekkelijker dan de schenking waarop progressieve schenkingsrechten (tot 30% tarief rechte lijn, echtgenoten, wettelijk samenwonenden en feitelijk samenwonenden +1jaar/ tot 80% tarief vreemden) verschuldigd zijn.
  • Verkrijging roerende goederen: ingevolge het beding van aanwas is geen evenredig registratierecht verschuldigd. In dit geval wordt louter een algemeen vast recht van 50 EUR geheven. Ook hier is een vast recht van €50 interessanter dan een de Belgische schenkingsrechten van 3% dan wel 7% of dan het risico op hoge successierechten (tot 27% tarief rechte lijn, echtgenoten, wettelijk samenwonenden en feitelijk samenwonenden +1jaar/ tot 65% tarief vreemden) indien de overlevingstermijn van drie jaar voor schenkingen in Nederland niet gehaald wordt.

Voor partners die niet gehuwd zijn, noch wettelijk samenwonen noch feitelijk meer dan een jaar samenwonen en een gemeenschappelijke huishouding voeren is het beding van aanwas des te meer een interessante planningstechniek. Een overdracht tussen deze partners wordt immers onderworpen aan het schenkingstarief vreemden, dat een stuk hoger ligt dan het toepasselijke tarief tussen echtgenoten, wettelijk samenwonenden of feitelijk samenwonenden die reeds meer dan een jaar samenwonen en een gemeenschappelijke huishouding voeren.

Conclusie: Het beding van aanwas verenigt het beste van twee werelden

Indien partners beschikken over een gelijkwaardig onverdeeld of eigen vermogen dat ze elkaar bij overlijden willen doen toekomen, is een beding van aanwas, dat voldoet aan alle geldigheidsvoorwaarden, een interessante techniek, zowel voor roerende als onroerende, eigen en in onverdeeldheid aangehouden goederen.

Laura Depreeuw, Tax & Legal Office


Gepubliceerd op 30/06/2014.


 

Did you find this useful?