Article

Handelshuur – let op de termijnen en de vormvoorschriften

KMO-update

U maakt gebruik van/u verhuurt een handelsruimte conform een handelshuurovereenkomst? Let dan op de dwingende termijnen!

De handelshuurwet puilt uit van de dwingende termijnen. Als ze niet worden nageleefd, kan dit zware gevolgen hebben. Hierna volgt een overzicht van de termijnen die men niet uit het oog mag verliezen.

1. Indiening van een hernieuwingsaanvraag
De huurder die zijn recht op hernieuwing van de huur wil uitoefenen, moet zijn hernieuwingsaanvraag, op straffe van verval, tussen de 15e en de 18e maand voor het einde van de lopende huur indienen.

2. Verzet van de verhuurder tegen de hernieuwing en reactie van de huurder
De verhuurder die zich wil verzetten tegen de hernieuwing of die andere voorwaarden wil vastleggen, moet zijn antwoord binnen drie maanden na de hernieuwingsaanvraag overmaken.
Anders zal de verhuurder worden geacht met de hernieuwing van de huur overeenkomstig de voorgestelde voorwaarden in te stemmen.

Indien uit het in punt 2 voorziene antwoord blijkt dat de verhuurder aan de hernieuwing voorwaarden koppelt betreffende de huurprijs, de bijdrage in de lasten, de wijze van genot of andere modaliteiten van de huur, en indien omtrent die voorwaarden onenigheid blijft bestaan, wendt de huurder zich binnen dertig dagen na het antwoord van de verhuurder tot de rechter, op straffe van verval.

3. Voortijdige beëindiging
De huurder kan de lopende huur beëindigen bij het verstrijken van elke driejarige periode, mits hij ten minste zes maanden van tevoren opzegt bij gerechtsdeurwaardersexploot of bij een ter post aangetekende brief.

Voor zover het contract het voorziet, kan de verhuurder de huur beëindigen bij het verstrijken van elke driejarige periode, mits hij ten minste één jaar van tevoren opzegt, ten einde in het onroerende goed zelf werkelijk een handelszaak uit te baten of die werkelijk te laten uitbaten door zijn afstammelingen, zijn aangenomen kinderen of zijn bloedverwanten in de opgaande lijn, door zijn echtgenoot, door diens afstammelingen, bloedverwanten in de opgaande lijn of aangenomen kinderen of door een personenvennootschap waarvan de werkende vennoten of de vennoten die minstens driekwart van het kapitaal in handen hebben, in dezelfde betrekking van bloedverwantschap, aanverwantschap of aanneming staan tot de verhuurder of tot zijn echtgenoot.

4. Affichage op het gehuurde goed
Iedere huurder wiens huur eindigt, mag gedurende de zes maanden die volgen op zijn vertrek, aan de lokalen een duidelijk zichtbaar bericht aanbrengen, waarin hij aangeeft naar waar zijn vestiging is verhuisd.

5. Verzet van de verhuurder tegen inrichtingswerken
De huurder heeft het recht om aan het gehuurde goed elke verbouwing uit te voeren die nuttig is voor zijn onderneming, mits hij de verhuurder hiervan vooraf in kennis stelt.
De verhuurder die binnen dertig dagen na ontvangst van het door de huurder gezonden bericht niet bij een ter post aangetekende brief of bij gerechtsdeurwaardersexploot heeft te kennen gegeven, dat hij zich tegen de uitvoering van die verbouwingen verzet, wordt geacht ermee in te stemmen.

6. Overdracht van het verhuurde goed
Zelfs wanneer het huurcontract het recht voorbehoudt om de huurder bij vervreemding uit het goed te zetten, mag hij die het verhuurde goed om niet of onder bezwarende titel verkrijgt, de huurder slechts uitzetten in de in de wet vermelde gevallen en mits hij de huur binnen drie maanden na de verkrijging opzegt, met naleving van een opzegtermijn van één jaar, met duidelijke opgave van de reden waarop de opzegging gegrond is, alles op straffe van verval.

7. Behoud van het verhuurde goed en beëindiging
Indien de van het recht op hernieuwing vervallen huurder na het eindigen van de huur in het bezit van het verhuurde goed wordt gelaten, komt een nieuwe huur voor onbepaalde tijd tot stand, die de verhuurder zal kunnen beëindigen mits hij hem ten minste achttien maanden van tevoren opzegt, onverminderd het recht van de huurder om de hernieuwing te vragen. Bij een huur voor onbepaalde tijd kan de huurder deze beëindigen mits hij deze één maand van tevoren opzegt.

8. Bezichtiging
Vanaf de aanvang van de achttiende maand vóór het verstrijken van de lopende huur, moet de huurder overeenkomstig de gebruiken, mogelijke gegadigden toelaten om het goed te bezichtigen.

Bij een handelshuur moeten de partijen - huurder én verhuurder - voor ogen houden dat niet-naleving van de door de wetgever opgelegde kennisgevings- of reactietermijnen nadelig kan zijn.


Joachim Colot – Legal Department
Social

version française
Did you find this useful?