investeringsaftrek

Article

De investeringsaftrekken voor vennootschappen op een rijtje

KMO-update

Recent werd de investeringsaftrek voor digitale investeringen ingevoerd. Gecombineerd met de invoering van de gewone investeringsaftrek als permanente maatregel en de reeds bestaande verhoogde investeringsaftrek, zorgt dit ervoor dat vennootschappen momenteel kunnen genieten van verschillende soorten investeringsaftrekken. Gezien bepaalde toepassingsvoorwaarden echter verschillen, zetten wij de belangrijkste aandachtspunten voor deze aftrekken op een rij.

De basisvoorwaarde voor de investeringsaftrek is steeds dat het investeringen in materiële en immateriële activa betreft die tijdens het jaar of het boekjaar in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en in België worden gebruikt voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid. Bovendien dienen deze activa over minstens drie jaar afschrijfbaar te zijn.

Gewone investeringsaftrek (art. 201, §1 WIB92)

De gewone investeringsaftrek werd tijdelijk opnieuw ingevoerd voor investeringen in 2014 en 2015. Het percentage van deze aftrek bedroeg toen 4%. Deze investeringsaftrek wordt nu permanent gemaakt voor investeringen vanaf 1 januari 2016 (onafhankelijk van het aanslagjaar) en wordt bovendien verhoogd tot 8% van de investering.

De toepassingsvoorwaarden blijven in vergelijking met de vorige, tijdelijke maatregel ongewijzigd. De investeringsaftrek is dus enkel van toepassing voor investeringen die verband houden met de werkelijke activiteit en die worden gedaan door kmo-vennootschappen. Deze beoordeling gebeurt op basis van het artikel 15 W.Venn. dat wordt gewijzigd voor belastbare tijdperken die vanaf 1 januari 2016 aanvangen. Niet aangewende investeringsaftrek kan slechts één jaar worden overgedragen.

Het toepassen van deze investeringsaftrek houdt ook in dat de vennootschap verzaakt aan de notionele interestaftrek voor hetzelfde belastbaar tijdperk. Gezien de verdubbeling van het percentage van de gewone investeringsaftrek en de continue verlaging van het percentage van de notionele interestaftrek (1,63% normaal tarief voor aanslagjaar 2016 en 1,131% voor aanslagjaar 2017, voor kmo’s een half procentpunt extra), kan het voor een kmo-vennootschap echter voordelig zijn om voor deze investeringsaftrek te opteren indien in het belastbaar tijdperk kwalificerende investeringen zijn gebeurd.

Investeringsaftrek voor digitale investeringen (art. 201, §1 juncto art. 69, §1, eerste lid, 2°, f) WIB92)

Wat het toepassingsgebied van deze investeringsaftrek betreft, blijkt uit het recente antwoord van de minister van Financiën op een mondelinge vraag van Luc Van Biesen dat ook investeringen in een webshop en in een witte kassa hiervoor in aanmerking komen. Bovendien werd ook bevestigd dat de investeringsaftrek op de volledige aanschaffingswaarde van deze investeringen kan worden toegepast, ondanks dat deze zaken meer functies vervullen dan digitale beveiliging en betaling.

Verhoogde investeringsaftrek (art. 69 WIB92 e.v.)

Naast bovenstaande investeringsaftrekken blijft ook de verhoogde investeringsaftrek nog steeds van toepassing in de vennootschapsbelasting.

Voor investeringen in nieuwe rookafzuigings- of verluchtingssystemen in een rookkamer van een horeca-inrichting, in octrooien, in nieuwe activa ter bevordering van onderzoek en ontwikkeling van nieuwe milieuvriendelijke producten of toekomstgerichte technologieën en voor energiebesparende investeringen kunnen zowel kmo- als grote vennootschappen van de verhoogde investeringsaftrek van 13,50% (aanslagjaar 2016) genieten. Merk op dat voor de laatste twee categorieën door de vennootschap zelf een attest dient te worden aangevraagd.

Voor investeringen in nieuwe activa ter bevordering van onderzoek en ontwikkeling van nieuwe milieuvriendelijke producten of toekomstgerichte technologieën kunnen vennootschappen ook opteren voor de gespreide investeringsaftrek van 20,50%, berekend op de afschrijvingen die voor elk belastbaar tijdperk van de afschrijvingsperiode worden aangenomen.

Deze gespreide investeringsaftrek geldt overigens ook voor vaste activa in productiemiddelen van hoogtechnologische producten op voorwaarde dat het gaat om producten waarvan de productie nieuw is en dat deze producten rechtstreeks of onrechtstreeks verhoogde uitgaven in onderzoek en ontwikkeling toevoegen op het moment van de eerste serieproductie (art. 70, eerste lid, 2° WIB92). De kwalificerende investeringen zijn deze vanaf 1 januari 2016, maar dienen nog concreet te worden vastgelegd in een KB.

Voor investeringen in de beveiliging van beroepslokalen of bedrijfsvoertuigen kunnen enkel kmo-vennootschappen de verhoogde investeringsaftrek toepassen en bedraagt het percentage 20,50%. Voor belastbare tijdperken die vanaf 1 januari 2016 aanvangen wordt het begrip kmo-vennootschap uitsluitend nog beoordeeld op basis van art. 15 W.Venn. De dubbele kmo-definitie, waardoor vennootschappen waarvan de aandelen voor meer dan de helft toebehoren aan één of meer natuurlijke personen die de meerderheid van het stemrecht vertegenwoordigen ook in aanmerking kwamen, wordt dus afgeschaft.

De verhoogde investeringsaftrek is bij gebrek aan voldoende belastbare basis onbeperkt in de tijd overdraagbaar naar volgende belastbare tijdperken.

Herbruikbare verpakkingen (art. 201, §1 WIB92)

Voor investeringen in materiële vaste activa die uitsluitend bestemd zijn voor het verzekeren van het productieproces van herbruikbare verpakkingen van dranken en nijverheidsproducten geldt een afzonderlijke investeringsaftrek van 3%.

Dick Decrock – Tax Department

Gepubliceerd op 24 maart 2016

Version française
Did you find this useful?