Article

KMO-update

Sociale actualiteit: wat is er onlangs veranderd?

Hierna in een notendop de drie recentste veranderingen in het Belgische sociaal recht.

1.      Beschikbaarheid van werklozen met bedrijfstoeslag (= bruggepensioneerden) op de arbeidsmarkt

Sinds 1 januari 2015 moeten alle werklozen met bedrijfstoeslag, ongeacht hun leeftijd, beschikbaar zijn op de arbeidsmarkt.

Op 8 mei 2015 heeft de Ministerraad twee ontwerpen van koninklijk besluit goedgekeurd die een nieuwe aanpassing van de regels met betrekking tot de beschikbaarheid van werklozen met bedrijfstoeslag op de arbeidsmarkt vastleggen.

De goedgekeurde aanpassing komt neer op de strikte regel die sinds 1 januari 2015 wordt toegepast. Volgende werklozen met bedrijfstoeslag zullen opnieuw worden vrijgesteld van de verplichting beschikbaar te zijn voor de arbeidsmarkt:

·         De werkloze met bedrijfstoeslag die werd ontslagen of die zijn SWT heeft aangevraagd vóór 01.01.2015

·         De werkloze met bedrijfstoeslag in een onderneming in moeilijkheden of in herstructurering, van minstens 58 jaar oud of met 38 jaar beroepsverleden aan het einde van de opzeggingsperiode, op voorwaarde dat de begindatum van de periode van erkenning vóór 9 oktober 2014 ligt.

Werklozen die niet voldoen aan deze voorwaarden moeten evenwel beschikbaar blijven op de arbeidsmarkt tot de leeftijd van 60 jaar of totdat ze 38 jaar beroepsverleden hebben.

Voor de nieuwkomers in de regeling heeft men het voortaan over "aangepaste beschikbaarheid". De werklozen met bedrijfstoeslag zouden op aangepaste wijze beschikbaar moeten blijven tot de leeftijd van 65 jaar. Ze hoeven dus niet langer aan te tonen dat ze actief op zoek zijn naar werk, maar moeten meewerken aan een aangepaste persoonlijke begeleiding. Deze begeleiding zal door de gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling worden georganiseerd. Een vrijstelling van aangepaste beschikbaarheid kan eveneens op bepaalde voorwaarden worden verkregen.

Het advies van de Raad van State over de twee ontwerpen van Koninklijk Besluit wordt verwacht.

2.      Kosten eigen aan de werkgever: de RSZ heeft het bedrag van de bureaukosten aangepast

In de Administratieve instructies van de RSZ - 2e kwartaal 2015 - is het bedrag van de bureaukosten opgetrokken: €119,61/maand in plaats van €117,27/maand.

Bureaukosten mogen alleen worden toegekend aan werknemers die structureel en regelmatig een deel van hun werk thuis verrichten en die thuis een ruimte hebben waar ze dit werk doen. Voor werknemers die bij hun werkgever een werkplek hebben, wordt dit forfait alleen aanvaard als uit hun functie duidelijk blijkt dat ze regelmatig thuis werken.

De bureaukosten dekken de verwarmings- en elektriciteitskosten, het klein kantoormateriaal enz.

3.      Opleidingsinspanningen opgeschort voor 2015 en 2016

De wetgever voorziet dat alle werkgevers in de privésector opleidingsinspanningen moeten leveren ten belope van 1,9% van de loonmassa. Het gaat om een collectieve verplichting. Als de doelstelling niet wordt verwezenlijkt, moeten de werkgevers die tot een sector behoren die onvoldoende opleidingsinspanningen levert een bijkomende werkgeversbijdrage van 0,05% betalen.

Uit deze regeling volgt dat een werkgever die onder een paritair comité valt, dat onvoldoende opleidingsinspanningen levert, maar die er in zijn onderneming wel voldoende levert, voornoemde bijdrage moet betalen, terwijl een werkgever die onvoldoende opleidingsinspanningen levert, maar die onder een paritair comité valt waar voldoende opleidingsinspanningen worden geleverd, geen sanctie krijgt.

In een arrest van 23 oktober 2014 heeft het Grondwettelijk Hof echter geoordeeld dat deze sanctie discriminerend is.

Zo is de regeling aangepast door de wet van 23 april 2015 tot verbetering van de werkgelegenheid. Volgende veranderingen worden aangebracht:

·         geen bijkomende werkgeversbijdrage van 0,05% wegens onvoldoende opleidingsinspanningen voor de jaren 2012, 2013, 2014, 2015 en 2016;

·         opschorting van de verplichting om op sectorniveau een collectieve overeenkomst inzake opleiding te voorzien voor de jaren 2015 en 2016.

Verwacht wordt dat de sociale partners en de regering een nieuw mechanisme zullen implementeren om opleiding te promoten.

Ondertussen is het voor werkgevers die in het verleden een sanctie hebben gekregen, passend om bij de RSZ de terugbetaling van de bijdrage te vragen. Werkgevers kunnen uiteraard steeds bij ons terecht om hen daarbij te helpen.

Tot slot: aangezien het sociale recht evolueert en tal van technische en specifieke regelingen bevat, staat het sociale team klaar om alle bijkomende informatie te verstrekken.

Tulay Kasap – Social Department

Gepubliceerd op 19/6/2015

Version française
Did you find this useful?