Article

Uitbreiding strafbaarstellingen Sociaal Strafwetboek: zwartwerk en uitbreiding preventiemaatregelen psychosociale belasting

KMO-update

Vanaf 1 mei 2016 zijn er een heel aantal nieuwe strafbaarstellingen in het Sociaal Strafwetboek van kracht, op 21 april 2016 werd er namelijk een wet gepubliceerd die in dit wetboek een aantal nieuwe sociale misdrijven opneemt. Het betreft hier sociale misdrijven die kaderen in de strijd tegen de sociale fraude alsook ter verbetering van het welzijn op het werk.

Niet-aangegeven arbeid

Met betrekking tot het zwartwerk wordt er een artikel ingevoegd dat bepaalt dat de werknemer (of zelfstandige of ambtenaar) voortaan een sanctie kan worden opgelegd voor niet-aangegeven arbeid, ook indien deze geen vervangingsuitkering ontvangen. Dergelijke sanctie kan worden opgelegd indien er aan twee voorwaarden voldaan wordt, met name:

  • deze werknemer wetens en willens deze arbeid uitoefent wetende dat deze niet aangegeven is;
  • er tegen de werkgever eveneens een proces-verbaal werd opgesteld voor deze niet aangegeven tewerkstelling en deze dus een vervolging riskeert.

Wanneer aan beide voorwaarden cumulatief voldaan wordt riskeert de werknemer in kwestie bestraft te worden met een administratieve geldboete. Wanneer de werknemer echter tegelijk ook een vervangingsuitkering ontvangt kan hem een strafrechtelijke geldboete worden opgelegd.

Welzijnsbeleid op het werk

Ter uitbreiding van het welzijnsbeleid op het werk wordt er in het Sociaal Strafwetboek meer nadruk gelegd op het belang van de preventie van psychosociale risico’s, met name door een extra focus op de preventie van burn-outs. Onder andere voor volgende zaken kan de werkgever, zijn aangesteld of zijn lasthebber volgens de nieuwe artikels bestraft worden:

  • door het ontbreken van een risicoanalyse betreffende situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico’s op het werk rekening houdend met de gevaren verbonden aan de elementen van de arbeidsorganisatie, de arbeidsinhoud, de arbeidsvoorwaarden, de arbeidsomstandigheden en de interpersoonlijke relaties op het werk;
  • door dergelijke risicoanalyse uit te voeren zonder medewerking van de werknemers of zonder de preventieadviseur psychosociale aspecten erbij te betrekken;
  • door niet de passende preventiemaatregelen te treffen;
  • door er niet op toe te zien dat de werknemers die, bij de uitvoering van hun werk, het voorwerp zijn geweest van een daad van geweld, gepleegd door andere personen dan werknemers en daarmee gelijkgestelde personen die zich op de arbeidsplaats bevinden, een passende psychologische ondersteuning krijgen van gespecialiseerde diensten of instellingen, waarvan de kosten worden gedragen door de werkgever onverminderd de toepassing van andere wettelijke bepalingen;
  • door in het kader van een verzoek tot formele psychosociale interventie niet de gepaste maatregelen te treffen;
  • door geen of een preventieadviseur psychosociale aspecten of vertrouwenspersoon aan te stellen die niet aan alle wettelijke voorwaarden voldoet.

Wanneer de werkgever hierin niet de gepaste acties onderneemt, kan er door de inspecteur een sanctie niveau 3 worden opgelegd volgens het nieuwe sociale strafwetboek.

Ook voorzien de nieuwe artikels van het Sociaal Strafwetboek in een sanctionering van het rookverbod, Het rookverbod werd voordien in een aparte wetgeving geregeld. De nieuwe artikels maken de inbreuk op het rookverbod strafbaar met een sanctie niveau 3, op te trekken naar niveau 4 indien de inbreuk gezondheidsschade of een arbeidsongeval met zich meebracht voor de werknemer. De nieuwe artikelen bestraffen werknemers die niet voldoende maatregelen nemen het roken te verbieden in de werkruimten en de sociale voorzieningen en alle elementen die kunnen aanzetten tot roken te verwijderd. Tevens zal er ook worden opgetreden tegen werkgevers die in rookruimtes voorzien die niet aan de voorwaarden van ventilatie en dergelijke voldoen.

Ter info

Sanctie niveau 3: een administratieve boete van € 300 tot € 3.000 of een strafrechtelijke boete van € 600 tot € 6.000;

Sanctie niveau 4: een administratieve boete van € 1.800 tot € 18.000 of een strafrechtelijke geldboete van € 3.600 tot
€ 36.000 en/of een gevangenisstraf tussen 6 maanden en 3 jaar.

Het bedrag dat als boete wordt opgelegd is te vermenigvuldigen met het aantal werknemers waarvoor de inbreuk werd begaan, met een maximum van 100.

Nick Berckmans – Social Department

Gepubliceerd op 20/05/2016

Version française
Did you find this useful?