Article

KMO-update

Voorziening voor bodemsanering - de finesses

In een vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Brugge heeft de rechtbank zich andermaal uitgesproken over de al dan niet vrijstelbare voorziening voor bodemsanering.

Op basis van de wettekst (art. 48 WIB’92) kan een vrijgestelde voorziening worden aangelegd voor scherp omschreven kosten die volgens de aan de gang zijnde gebeurtenissen waarschijnlijk zijn en die betrekking hebben op aftrekbare beroepskosten die drukken op de resultaten van het belastbaar tijdperk.

In casu werd een vrijstelbare provisie voor bodemsanering aangelegd louter op basis van het feit dat melding werd gemaakt aan de (Vlaamse) OVAM van een mogelijke bodemverontreiniging.

De fiscale administratie, hierin gevolgd door de rechtbank, is het hiermee niet eens. Wanneer naar aanleiding van een bodemonderzoek een bodemverontreiniging wordt vastgesteld, kan er slechts een voorziening worden aangelegd voor de kosten die verband houden met de verplichte sanering ervan mits:

  • een bodemonderzoek, verricht door een erkend deskundige, bodemverontreiniging aan het licht brengt,
    EN
  • een verplichting tot sanering bestaat.

Beide voorwaarden dienen simultaan te zijn vervuld.

De loutere melding aan OVAM van het oriënterend bodemonderzoek dat werd uitgevoerd, impliceert niet automatisch dat er een verplichting tot sanering van de grond bestaat. De verplichting tot sanering bestaat pas wanneer deze ook effectief wordt opgelegd door de bevoegde instantie. Zonder de voormelde saneringsverplichting is er immers geen enkele zekerheid dat de kost voor de sanering effectief zal worden verricht en is bijgevolg niet voldaan aan de voorwaarden om een fiscaal aftrekbare provisie aan te leggen.

In een voorafgaande beslissing heeft de administratie bijkomende uitleg verstrekt wanneer er een saneringsverplichting bestaat:

  • ofwel, wanneer de vennootschap door OVAM wordt aangemaand om de bodemsanering uit te voeren;
  • ofwel, wanneer de vennootschap in kennis wordt gesteld dat de bodemverontreiniging de bodemsaneringsnormen overschrijdt of een ernstige bedreiging vormt;
  • ofwel, wanneer de vennootschap in kennis werd gesteld van het feit dat zij een bodemsaneringsproject moet opstellen en/of jegens OVAM de verbintenis moet aangaan de bodemsaneringswerken uit te voeren en financiële zekerheden te stellen.

Magalie Van Herreweghe, Tax & Legal Services


Gepubliceerd op 25/11/2014.

Did you find this useful?