Article

Hoe kan een VZW middelen verwerven om haar activiteiten uit te voeren?

KMO-update

Een VZW is een vereniging die niet als oogmerk heeft winsten na te streven. Nochtans heeft een VZW middelen nodig om het doel waarvoor zij is opgericht te kunnen uitoefenen. Hoe komt een VZW dan aan middelen indien zij geen, althans niet in hoofdorde, handelsactiviteiten mag uitoefenen? Hieronder wordt een niet-limitatieve opsomming gegeven van de verschillende manieren waarop een VZW gelden kan verkrijgen.

1.   Bijdragen van de leden

Artikel 2 van de VZW-wet voorziet dat de statuten van een vereniging het maximumbedrag van de bijdragen of van de stortingen ten laste van de leden dienen te vermelden. Hieruit kan derhalve worden afgeleid dat de VZW middelen kan genereren doordat de leden een bepaalde bijdrage leveren.

2.   Stellen van handelsactiviteiten

Een vereniging zonder winstoogmerk mag niet als hoofddoel hebben het stellen van daden van koophandel. Rechtspraak en rechtsleer nemen daarentegen aan dat een VZW winstgevende handelingen kan uitoefenen indien aan een aantal voorwaarden is voldaan, met name:

-                      de daad van koophandel is ondergeschikt aan de hoofdactiviteit die geen winstoogmerk als doel heeft;

-                      de activiteit wordt toegelaten door de statuten of minstens kunnen bijdragen tot het ideële doel;

-                      de winsten moeten besteed worden aan het belangeloze doel.

Een vereniging kan aldus inkomsten genereren door het stellen van winstgevende activiteiten mits aan bovenvermelde voorwaarden cumulatief is voldaan.

Over het ondergeschikt karakter van de handelsactiviteiten is veel inkt gevloeid. Vroegere rechtspraak en rechtsleer verwees voor het bepalen van het ondergeschikt karakter naar een aantal specifieke parameters, waaronder de omvang van de inkomsten die deze handelsactiviteiten uitmaakten. Thans blijkt uit rechtspraak dat de grootte van de inkomsten die de VZW verwerft door het stellen van de commerciële activiteit niet langer determinerend is. Het voornaamste kenmerk dat door de heersende rechtspraak en rechtsleer in acht wordt genomen, betreft het feit of de handelsactiviteit minder belangrijk is dan de niet-winstgevende activiteit. Er dient derhalve geval per geval te worden nagegaan of de gestelde daden van koophandel al dan niet ondergeschikt zijn. Dit is bijgevolg een feitenkwestie, uiteindelijk te beoordelen door de rechter.

3.   Giften

Daarnaast verkrijgt een VZW ook gelden doordat er giften ten voordele van haar worden gedaan. Eenieder kan een gift onder levenden (schenking) of bij overlijden (legaat) doen aan een vereniging. Een legaat betreft een bepaling in een testament ten voordele van een bepaald persoon.

Elke gift boven de honderdduizend euro, behoudens de handgift of bankgift, vereist een machtiging van de minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger. Een handgift betreft een gift die, zoals het woord het zelf zegt, van hand tot hand wordt gedaan.

4.   Inbreng om niet

Het is bovendien mogelijk dat een VZW middelen verwerft doordat een andere vereniging een algemeenheid of een bedrijfstak om niet inbrengt. Het verschil met een schenking schuilt in het feit dat er voor een inbreng om niet geen ‘animus donandi’ (wil om te schenken) vereist is.

Een inbreng om niet vereist in tegenstelling tot de schenking, geen machtiging van de minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger, en dit ongeacht de waarde van de inbreng.

Ingeval van fusie of splitsing kan de vereniging er sinds de wet van 30 december 2009 voor opteren de bepalingen van artikel 770 van het Wetboek van vennootschappen toe te passen. Hierin is voorzien dat het geheel van activa en passiva van rechtswege wordt overgedragen van de inbrengende VZW aan de verkrijgende VZW.

5.   Obligatieleningen

Een VZW kan haar activiteiten ook financieren middels de uitgifte van obligatieleningen. Een obligatielening betreft een lening op lange termijn die de vorm aanneemt van een uitgifte van obligaties. In tegenstelling tot de BVBA en NV, is er geen regelgeving m.b.t. VZW’s in dit kader terug te vinden. Derhalve zal de wilsautonomie tussen partijen spelen.

Gelet op het feit dat er geen wettelijke bepalingen in dit kader zijn voorzien, is het aan te raden om de voorwaarden en modaliteiten waaronder een obligatielening kan worden verstrekt statutair te regelen.

6.   Collecten

Een VZW kan haar middelen verwerven d.m.v. collecten. Collecten zijn gelijk aan inzamelingen. Een vaak voorkomend voorbeeld betreft het inzamelen van oud papier.

7.   Sponsoring

Een VZW kan ten slotte ook middelen bekomen via sponsoring.

8.   Conclusie

Een VZW beschikt dus in theorie over diverse manieren om middelen te verwerven. Op juridisch vlak dient bijzondere aandacht te worden besteed aan de kwalificatie alsook de specifieke regelgeving dienaangaande. Bij iedere manier waarop middelen bekomen kunnen worden, dienen namelijk steeds andere regels in het achterhoofd te worden gehouden. Ten slotte dient uiteraard telkens rekening te worden gehouden met de mogelijke impact op vlak van fiscaliteit / BTW.

Ine Stevens – Legal Department

[1] Fiscale actualiteit nr. 33, p.1-6, 01.10.2015; Fiscale actualiteit nr. 28, p.4-7, 24.07.2014

[1] Fiscoloog 1462, p.5, 03.02.2016

Gepubliceerd op 26/02/2016

Did you find this useful?