Aansluiting hoger onderwijs op regionale ontwikkelingen in de arbeidsmarkt

Analyse

Aansluiting hoger onderwijs op regionale ontwikkelingen in de arbeidsmarkt

Resultaten State of the State thema Onderwijs

Een studie geeft mensen meer kans op de arbeidsmarkt. Althans, dat zou zo moeten zijn. Maar is dat ook zo anno 2015? En als er vanuit die studie of opleiding een baan is, sluit deze dan goed aan bij de studie? En vinden studenten werk in de stad of regio waar ze studeerden of moeten ze juist verhuizen? Deloitte deed in het kader van haar jaarlijkse State of the State-programma onderzoek naar wat studenten van mbo, hbo en universiteit na hun studie gaan doen (werken of doorstuderen) en waar ze dat werk gaan doen (in welke regio en welke sector).

Op basis van de inzichten die uit deze data-analyse voortkomen, kan per regio een vergelijking worden gemaakt tussen afgestudeerden en economische mogelijkheden. De data waarop deze analyse is gebaseerd, zijn afkomstig van VSNU (Vereniging van Universiteiten), de WO-Monitor, het CBS, het UWV en de website www.bereikbaarheidskaart.nl.

Welke opleidingen leiden tot welke beroepen?

Vrijwel iedere opleiding heeft een dominante stroom. Dat is logisch in het licht van de beroepsopleidingen. Uitzondering op de regel zijn de hbo-opleidingen in Kunst, Taal & Cultuur en Landbouw. Deze opleidingen leveren een waaier van verschillende vervolgstappen op.
Deze plot laat per opleiding zien in welke sector deze afgestudeerden iets meer dan een jaar later werken. Aan de linkerkant staan de verschillende opleidingsrichtingen en rechts staan de verschillende sectoren. Er is dus een stroom van links naar rechts. De dikte van een lijn geeft het aantal afgestudeerden weer en als je even je muis stilhoudt op een lijn, krijg je de absolute aantallen te zien
Bron: BVE Monitor 2013 & HBO-Monitor 2013

Naar welke provincies verhuizen studenten na hun studie?

De mobiliteit van mensen is over het algemeen vrij laag, waarbij mbo-studenten veel minder geneigd zijn te verhuizen na afronding van hun studie dan hbo-studenten. Als er al verhuisd wordt, dan is een buurprovincie (met economische centra) het meest in trek.
hbo
Tijdens de studie woonachtig in...
Elk van de kleine plots of 'bloemen' is een provincie. In het midden staat het percentage van afgestudeerden dat 1.5 jaar later nog steeds in dezelfde provincie woont als waar ze woonden tijdens hun afstuderen. De vlakken of 'blaadjes' geven weer naar welke provincies de overige afgestudeerden zijn verhuisd.
Bijvoorbeeld, 61% van de hbo afgestudeerden die tijdens de studie in Drenthe woonden, wonen hier 1.5 jaar later nog steeds. Van de overige 39% is verreweg het grootste deel, 18.1%, naar Groningen verhuisd.
Bron: BVE Monitor 2013 & HBO-Monitor 2013

wo-studenten zijn het meest mobiel van alle studenten

Studenten met een universitaire opleiding zijn het meest mobiel van alle studenten. Daarbij geldt ook nog dat wo-studenten bereid zijn verder weg van hun studieplaats aan het werk te gaan dan hbo- en mbo-studenten. Als we inzoomen op de provincie Groningen, valt het verschil op tussen mbo/hbo en wo. Wo-studenten verplaatsen zich naar andere delen van Nederland en zelfs andere delen van de wereld.
Verhuisgedrag van opleidingsniveaus vergeleken binnen Groningen
Bron: BVE Monitor 2013, HBO-Monitor 2013 & WO-Monitor 2013 (RUG)

Verschil in aansluiting en mobiliteit tussen opleidingen en beroepen

Studie sector
Selecteer alle opleidingen binnen 1 sector door op een sector in de legenda te klikken
Bron: BVE Monitor 2013 & HBO-Monitor 2013

Niet iedereen vindt na zijn of haar studie werk dat direct aansluit bij die opleiding. In deze grafiek is te zien dat het gemiddelde in het hbo voor een goede aansluiting van studie op werk ligt op 72%. Voor het mbo is dat iets lager: 70%. De spreiding van het werk is vergelijkbaar voor beide opleidingen: 12% versus 14%, het verschil zit vooral in de verhuisbewegingen. Het gemiddelde van studenten die blijven wonen op de plek waar ze studeerden, bedraagt 85% voor het mbo. Bij het hbo is dat percentage beduidend lager, 70%.

Conclusies

Tijdens een rondetafelbijeenkomst met experts uit de onderwijswereld eind juni zijn de uitkomsten van dit onderzoek besproken. Waar dat interessant was is een link gelegd met het State of the State-onderzoek naar de arbeidsmarkt van Deloitte.

Eén van de zaken die als opmerkelijk werden bestempeld, is de ‘mismatch’ die er bestaat bij studenten uit de Sociale studies, zoals Talen, Cultuur en Gedragswetenschappen en het beroep waar ze terecht komen. De meeste van deze studenten komen op andere vlakken terecht dan waarvoor ze zijn opgeleid en zijn vaak ook nog eens onder hun eigen opleidingsniveau werkzaam.

Een andere opvallende uitkomst van het onderzoek is dat de studie Economie aan de Rijksuniversiteit Groningen opvallend veel mogelijkheden blijkt te bieden. Studenten belanden na die studie bij een breed scala aan beroepen.

Een interessante volgende verdieping is kwalitatief onderzoek te doen naar de afwegingen van studenten in Nederland om te kiezen voor een bepaalde studie of plaats.

Over State of the State

Het onderzoek naar de aansluiting van het hoger onderwijs op regionale ontwikkelingen in de arbeidsmarkt is een onderdeel van Deloitte's State of the State, een actuele data-analyse van ons land, bedoeld om beleidsmakers en organisaties van bruikbare inzichten te voorzien op het gebied van onder meer het onderwijs. Daarnaast komen ook de arbeidsmarkt, woningmarkt en zorg aan bod in dit programma. Deloitte analyseert hiervoor open data en kijkt naar onderlinge samenhang.

 

Meer weten?

Wilt u meer weten over het onderzoek naar de aansluiting van het hoger onderwijs op regionale ontwikkelingen in de arbeidsmarkt? Neem dan contact op met Dirk Westra van Holte via +31 (0)88 288 2619.

Vond u dit nuttig?

Gerelateerde onderwerpen