Onderzoek naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt na kankerdiagnose

Article

Onderzoek naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt na kankerdiagnose

Data-analyse op basis van microdata van het CBS over 64.228 Nederlanders met kankerdiagnose (controlegroep 256.912)

In onderstaande scroll story worden de inzichten uit de data-analyse gepresenteerd. De scroll story begint bij het algemene beeld dat naar boven is gekomen om vervolgens in te zoomen op de afwijkingen bij jonge vrouwen, lager opgeleiden en uitzendkrachten en horecamedewerkers.

28 november 2018

Tijdens het scrollen veranderen de visualisaties steeds mee met de gepresenteerde inzichten.

De scroll story omvat niet de uitkomsten van alle mogelijke combinaties. Op basis van gesprekken tussen experts zijn keuzes gemaakt over de in dit rapport te presenteren inzichten. In de online beschikbaar gemaakte interactieve analysetool zijn alle technisch mogelijke vergelijkingen zelf te maken.

Jonge vrouw blijft achter in loongroei na kankerdiagnose
Een onderzoek naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt na kankerdiagnose

Nederlanders die in 2013 een eerste ziekenhuisbehandeling ondergingen na kankerdiagnose, leveren in het algemeen nauwelijks loon in. Dit blijkt als deze groep wordt vergeleken met Nederlanders die in hetzelfde jaar geen eerste ziekenhuisbehandeling onderging na kankerdiagnose. Wel zijn er enkele subgroepen waarbinnen de ontwikkelingen na een kankerdiagnose in nadelige zin opvallen. Zo blijft het salaris binnen de subgroep van jonge vrouwen na een kankerdiagnose achter bij de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.

Dit blijkt uit een omvangrijke data-analyse van Deloitte en Amsterdam UMC naar de ontwikkelingen na de diagnose kanker op de arbeidsmarkt. Het onderzoek is in opdracht van oPuce uitgevoerd aan de hand van microdata van het CBS. Het is onderdeel van Deloitte’s State of the State en wordt ondersteund door Deloitte Impact Foundation.
Een uniek onderzoek
Om de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt na een kankerdiagnose in kaart te brengen is voor zowel gediagnostiseerden als een controlegroep data geanalyseerd van 15 variabelen op drie momenten (zie ook de onderzoeksverantwoording). Voorbeelden van deze variabelen zijn bruto inkomen, loon en type dienstverband. De patiëntengroep en controlegroep kunnen verder worden onderverdeeld aan de hand van de variabelen afkomst, branche, geslacht, leeftijd en opleiding. Dit rapport omvat niet de uitkomsten van alle mogelijke combinaties. Op basis van gesprekken tussen experts zijn keuzes gemaakt over de in dit rapport te presenteren inzichten. In de online beschikbaar gemaakte database zijn alle technisch mogelijke vergelijkingen zelf te maken.

Meetmomenten
De data is op drie momenten in tijd gemeten. Het tweede meetmoment is voor alle variabelen dezelfde, namelijk 2013, het jaar van de eerste ziekenhuisbehandeling na kankerdiagnose. Het eerste en derde meetmoment verschillen per variabele en vallen tussen 2010 en 2018.

Zoals hieronder is weergegeven is de patiëntengroep (bestaande uit 64.228 Nederlanders die de diagnose kanker kregen, en in 2013 voor het eerst een behandeling ondergingen in het ziekenhuis) gespiegeld door een vier keer zo grote controlegroep die bestaat uit mensen die in hetzelfde jaar niet de eerste ziekenhuisbehandeling na de diagnose kanker ondergingen (zie ook de onderzoeksverantwoording). Hierdoor is de gemiddelde leeftijd in de gebruikte database (afgerond 54) hoger dan de gemiddelde leeftijd in Nederland (afgerond 42, afhankelijk van het moment).
Het positieve verhaal
Nederlanders leveren na kankerdiagnose in vijf jaar €1.002 aan jaarloon in ten opzichte van de controlegroep
In grote lijnen komen geen grote verschillen naar voren als de patiëntengroep wordt vergeleken met de controlegroep. Het gemiddelde jaarloon bijvoorbeeld, nam in de vijf jaar tussen 2011 en 2016 met €1.002 meer af voor de patiëntengroep dan voor de controlegroep. De algemene gemiddelde afname van jaarloon is te verklaren door de relatief grote groep ouderen in de patiëntengroep (en daardoor ook in de daarop gespiegelde controlegroep).
Verschil in inkomen nog kleiner
Bij het inkomen, waarin onder meer ook inkomsten uit uitkeringen, vermogen en onroerend goed zijn meegenomen, is het verschil nog kleiner: het gemiddeld jaarlijks bruto inkomen van de patiëntengroep groeit €225 minder dan dat van de controlegroep over een periode van 4 jaar.
De harde werkelijkheid
Ook al zien we bij de totale populatie geen grote verschillen tussen de patiënten- en controlegroep, deze verschillen komen wel degelijk naar boven als wordt gedifferentieerd op basis van leeftijd, geslacht, opleiding, afkomst en branche. De bevindingen die hier worden gerapporteerd zijn dan ook de afwijkingen van het algemene beeld. Deze variabelen laten een andere verhouding zien tussen patiënten- en controlegroep dan de totale populatie. De belangrijkste inzichten zijn onderverdeeld in drie thema’s: jonge vrouwen , lageropgeleiden en uitzendkrachten en horecamedewerkers . In de online beschikbaar gemaakte database zijn alle technisch mogelijke vergelijkingen zelf te maken.


Jonge vrouwen (<35)

Lageropgeleiden

Uitzendkrachten en horecamedewerkers

Jonge vrouwen (<35)
De groep jonge vrouwen (<35) wijkt bij vijf variabelen af van het beeld bij de totale populatie: loon, economische onzelfstandigheid, voltijd dienstverband, werknemerschap en werkloosheidsuitkering. Bij de opgesomde variabelen gaat de jonge vrouw er na diagnose meer op achteruit (of minder op vooruit) dan de totale populatie na diagnose.
Loongroei blijft achter voor jonge vrouw na kankerdiagnose
We zagen eerder dat bij de totale populatie het gemiddelde jaarloon van de patiëntengroep met €1.002 meer daalt ten opzichte van het jaarloon van de controlegroep over een periode van 5 jaar. Bij jonge vrouwen neemt het loon in deze periode toe binnen zowel de patiënten- als de controlegroep. Het verschil in de ontwikkeling van jaarloon bij patiënten- en controlegroep is bij de jonge vrouw (€ 1.905) groter dan het verschil van €1.002 bij de totale populatie. Procentueel gezien is het verschil nog groter.
Loongroei jonge vrouw met migratieachtergrond blijft nog sterker achter na kankerdiagnose
Als onder jonge vrouwen verder wordt gedifferentieerd op afkomst dan zien we het verschil tussen patiënten- en controlegroep verder groeien. Onder jonge vrouwen met migratieachtergrond blijft de loongroei in de patiëntengroep verder achter, terwijl het jaarloon van de controlegroep procentueel juist meer stijgt.
Verschil in loongroei minder waarneembaar bij jonge mannen na kankerdiagnose
Het procentuele verschil tussen de loonstijging van de patiënten- en controlegroep is bij jonge mannen vele malen kleiner dan dit verschil bij de jonge vrouwen.
Aantal economisch onzelfstandigen neemt toe onder jonge mensen na kankerdiagnose
Bij economische onzelfstandigheid vinden we een opvallend inzicht als we differentiëren op leeftijd en focussen op de groep jonge mensen onder 35. Iemand is economisch onzelfstandig als het persoonlijk netto inkomen lager is dan de netto bijstandsuitkering voor een alleenstaande. In de totale populatie neemt het percentage economisch onzelfstandigen sterker toe in de patiënten- dan in de controlegroep. Dit onderlinge verschil is onder jonge mensen veel groter. Bovendien daalt het economisch onzelfstandigheidspercentage onder jonge mensen in de controlegroep, terwijl dit in de totale populatie stijgt. In de patiëntengroep stijgt het percentage in zowel de totale populatie als bij jonge mensen, maar bij jonge mensen sterker.
Aantal economisch onzelfstandigen neemt nog sterker toe onder jonge vrouwen na kankerdiagnose
Het verschil tussen patiënten- en controlegroep is onder jonge vrouwen nog sterker dan onder jonge mensen.
Aantal voltijd dienstverbanden neemt af bij jonge vrouwen na kankerdiagnose
In de totale populatie daalt het aantal voltijd dienstverbanden in zowel de patiënten- als controlegroep. Onder jonge vrouwen is in de controlegroep een groei van het aantal voltijdcontracten waarneembaar terwijl in de patiëntengroep een daling te zien is. Het verschil tussen de patiënten- en controlegroep is in de totale populatie veel kleiner.
Toename aantal voltijd dienstverbanden onder jonge hoger opgeleide vrouwen na kankerdiagnose
Bij jonge vrouwen zagen we dat het percentage voltijdcontracten harder groeide in de controlegroep dan in de patiëntengroep. Bij de groep hogeropgeleide jonge vrouwen is een ander beeld te zien: het percentage voltijdcontracten binnen de patiëntengroep is juist sterker toegenomen dan binnen de controlegroep.
Aantal werknemers neemt af onder jonge vrouwen na kankerdiagnose
Als we binnen de groepen kijken naar het aantal mensen dat werknemer is (mensen met een arbeidsovereenkomst), zien we dat dit bij de totale populatie sterker afneemt in de patiënten- dan in de controlegroep. Dit verschil is bij jonge vrouwen groter. Bovendien neemt bij de jonge vrouw uit de controlegroep het aantal personen die werknemers zijn toe, in tegenstelling tot de jonge vrouwen uit de patiëntengroep, bij wie dit afneemt.
Aantal werkloosheidsuitkeringen neemt af onder jonge mensen na kankerdiagnose
In het algemeen neemt het aantal werkloosheidsuitkering minder sterk toe in patiënten- dan controlegroep. Het verschil in ontvangst van werkloosheidsuitkeringen tussen patiënten- en controlegroep is in de groep mensen onder 35 veel groter dan in de totale populatie. Het is zelfs zo dat bij de patiëntengroep onder 35 het aantal werkloosheidsuitkeringen afneemt.
Aantal werkloosheidsuitkeringen neemt nog sterker af onder jonge vrouwen na kankerdiagnose
Het verschil tussen de ontwikkeling van het aantal werkloosheidsuitkeringen tussen patiënten- controlegroep is nog groter bij de groep jonge vrouwen dan bij de groep jonge mensen.
Lageropgeleiden
Als er wordt gekeken naar het opleidingsniveau valt de groep lageropgeleiden op Afwijkingen in de volgende variabelen worden verder uitgelicht: werknemerschap, contract (onbepaalde tijd) en de werkloosheidsuitkering.
Aantal werknemers onder jonge lageropgeleiden neemt af na kankerdiagnose
Bij de totale populatie is zowel bij de patiëntengroep als bij de controlegroep een afname van het aantal werknemers te zien. De afname is bij de patiëntengroep sterker. Bij de jonge lageropleiden zien we dat het aantal werknemers in de controlegroep wel groeit, terwijl dit percentage in de patiëntengroep afneemt.
Aantal onbepaalde tijdcontracten neemt toe onder laagopgeleiden na kankerdiagnose
Over het algemeen groeit het aantal onbepaalde tijdcontracten sterker in de patiëntengroep dan in de controlegroep. Bij lageropgeleiden is de groei van het percentage onbepaalde tijdcontracten in de patiëntengroep bijna twee keer zo groot als bij de controlegroep. Dit verschil is in de totale populatie veel kleiner.
Sterkere toename aantal onbepaalde tijdcontracten onder lageropgeleide vrouwen na kankerdiagnose
Als je differentieert op vrouwen is het verschil tussen patiënten- en controlegroep nog groter.
Nog sterkere toename aantal onbepaalde tijdcontracten onder laagopgeleide vrouwen na kankerdiagnose
En als je differentieert op leeftijd is het verschil tussen beide groepen voor jonge lageropgeleide vrouwen nóg groter.
Aantal werkloosheidsuitkeringen neemt af onder lageropgeleiden na kankerdiagnose
In de totale populatie groeit het aantal werkloosheidsuitkeringen sterker in de controlegroep dan in de patiëntengroep. Onder laagopgeleiden zien we het tegenovergestelde. Het aantal werkloosheidsuitkeringen in de patiëntengroep neemt in deze groep nauwelijks toe.
Uitzendkrachten en horecapersoneel
Als er wordt gekeken naar de medewerkers binnen verschillende sectoren zijn er twee die er uitspringen als het gaat om het verschil tussen patiënten- en controlegroep: de uitzendkrachten en horecapersoneel. Afwijkingen in de volgende variabelen worden verder uitgelicht: loon, bruto inkomen, verloonde uren, werknemerschap, bijstand, pensioen en dienstverband (type voltijd).
Uitzendkracht levert aan loon in na kankerdiagnose
We zagen dat het gemiddelde jaarloon voor de patiëntengroep iets meer achteruitgaat dan dat van de controlegroep: een verschil van €1.002 over een periode van 5 jaar. Het verschil tussen patiëntengroep en controlegroep is in de uitzendbranche is zowel procentueel als absoluut (€3.221) veel groter.
Ook het bruto inkomen van uitzendkracht daalt na kankerdiagnose
Binnen de uitzendbranche zagen we dat het gemiddelde jaarloon voor de patiëntengroep sterker daalt dan dat van de controlegroep. Ook het bruto inkomen van de patiëntengroep daalt bij uitzendkrachten terwijl dit bij de controlegroep licht stijgt. Bij de totale populatie daalt het bruto inkomen voor beide groepen en is het verschil tussen patiënten- en controlegroep klein (€225 over een periode van 4 jaar).
Minder verloonde uren voor uitzendkracht na kankerdiagnose
Ook bij de ontwikkeling van het aantal verloonde uren (d.w.z. gewerkte uren die zijn uitbetaald) is een groter verschil te zien tussen patiënten- en controlegroep bij de uitzendkrachten dan bij de totale groep.
Aantal werknemers onder uitzendkrachten neemt sterker af na kankerdiagnose
In de totale populatie neemt het percentage dat werknemer is in de patiëntengroep sterker af dan in de controlegroep. Bij de uitzendkrachten is het verschil tussen beide nog groter.
Toename van horecapersoneel in de bijstand na kankerdiagnose
De tendens in de totale populatie, dat de groei van het percentage mensen dat in de bijstand terechtkomt in de controlegroep groter is dan in de patiëntengroep, zien we omgekeerd in de uitzendbranche. Daarin groeit het percentage mensen in de patiëntengroep in de bijstand juist sterker dan dit percentage in de controlegroep. In iets mindere mate is dit beeld ook terug te zien in uitzendbranche.
Aantal pensioenontvangers in uitzendbranche groeit minder snel in groep na kankerdiagnose
De procentuele groei van mensen die pensioen ontvangen is in de totale populatie groter bij de patiënten- dan bij de controlegroep. Binnen de uitzendbranche is juist de groei bij controlegroep groter dan bij de patiëntengroep.
Onder horecapersoneel groeit het aantal voltijd dienstverbanden sterker na kankerdiagnose
In de totale populatie zien we een afname in het aantal voltijd dienstverbanden. In de patiëntengroep is deze afname sterker dan in de controlegroep. Onder horecapersoneel zien we juist een toename. In de patiëntengroep is deze toename sterker dan in de controlegroep.
Vond u dit nuttig?