De transitievergoeding

Article

De transitie-vergoeding

Wanneer geldt de transitievergoeding en hoe wordt deze berekend? Kunnen er kosten in mindering worden gebracht en zijn er uitzonderingen? In onderstaand artikel vindt u een korte toelichting op deze onderwerpen.

De transitievergoeding geldt voor werknemers met een dienstverband van twee jaar en langer. De transitievergoeding is verschuldigd bij opzegging, ontbinding of geen verlenging bepaalde tijd op initiatief werkgever. Ook als de werknemer opzegt, ontbinding vraagt of een contract voor bepaalde tijd niet verlengt omdat er sprake is van ernstig handelen of nalaten van de werkgever, moet worden betaald. Bij beëindiging met wederzijds goedvinden geldt de transitievergoeding niet verplicht. Deze heeft wel reflexwerking, maar het staat partijen vrij afwijkende afspraken te maken.

Berekening

De transitievergoeding bedraagt 1/3 maandsalaris per gewerkt jaar bij een dienstverband tot tien jaar en 1/2 maandsalaris per gewerkt jaar voor ieder jaar dat het dienstverband langer dan tien jaar heeft geduurd. De transitievergoeding bedraagt maximaal € 76.000, bruto of (indien hoger) een jaarsalaris.

Kosten in mindering brengen

Onder bepaalde voorwaarden kunnen kosten door de werkgever gemaakt in verband met het eindigen van de arbeidsovereenkomst op de transitievergoeding in mindering worden gebracht (denk aan: outplacement- en scholingskosten of kosten die voortvloeien uit het hanteren van een langere opzegtermijn). Voorts kunnen bepaalde kosten die door de werkgever tijdens de arbeidsovereenkomst zijn gemaakt en verband houden met de bredere inzetbaarheid van de werknemer op de transitievergoeding in mindering worden gebracht als aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

Uitzonderingen

De transitievergoeding is niet verschuldigd als de werknemer ernstig verwijtbaar heeft gehandeld en bij het einde van het dienstverband in verband met het bereiken van de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd. Verder geldt dat de vergoeding niet betaald hoeft te worden aan werknemers die jonger zijn dan 18 jaar en die maximaal 12 uur per week werken. Daarnaast hoeft de transitievergoeding niet betaald te worden als de cao een gelijkwaardige voorziening kent en in geval van faillissement en surseance van betaling. Als betaling tot onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering leidt, dan is betaling in termijnen mogelijk. Voor kleinere bedrijven (gemiddeld minder dan 25 werknemers) en voor werknemers van 50 jaar of ouder gelden tijdelijk (tot 1 januari 2020) afwijkende regels.

Meer weten:

Wilt u meer weten over Employment Law & Pensions? Neem dan contact op met Sashil Durve via +31 (0)88 288 2466

Vond u dit nuttig?