Langs elkaar heen praten in de Jeugdzorg? Drie adviezen ter verbetering.

Article

Langs elkaar heen praten in de Jeugdzorg?

Drie adviezen ter verbetering

Wellicht kent u het YouTube-filmpje waarin een klant bij een Engelse groenteboer in een lachwekkende spraakverwarring komt met de verkoper over blackberry’s en apple’s waarbij de apparaten bedoeld worden maar de vruchten op de toonbank liggen. De verkoper stelt voor de apple te ‘booten’ en schopt met z’n ‘laars’ de vrucht door de winkel. Minder hilarisch is als een zorgaanbieder en een gemeente op een vergelijkbare manier langs elkaar heen praten en werken. Daarvan komen we in de praktijk nog wel eens wat voorbeelden tegen.

De zorgaanbieder innoveert

Zo zijn er zorgaanbieders die vooruitlopend op de ontwikkelingen in de zorg hun visie en werkwijze hebben aangepast, waarbij het perspectief en de ondersteuningsvraag van de cliënt centraal staat. Deze hulp kan heel divers zijn; van begeleiding, behandeling, een nachtje logeren, tot vervoer. Dit resulteert in een ondersteuningsaanbod welke sector-overstijgend kan zijn. Conform de wens en gedachte van de transities in het sociale domein dus.


Maar…..

De inkoop van verschillende ondersteuningsvormen bij met name jeugd en Wmo is in sommige gemeenten nog sterk gebaseerd op een sectorale traditionele indeling. Zo zijn er producten Jeugd GGZ, Jeugd AWBZ, jeugdgezondheidszorg en ga zo maar door. Door tijdgebrek, de zachte landing van de jeugd en kennisachterstand van de markt heeft het merendeel van de gemeenten gekozen voor een eigen (deels regionale) inkoop van producten op bestaande NZA codes of een clustering van bestaande NZA codes. Dit resulteert in een enorme lijst van ondersteuningsproducten, ieder met eigen eenheden, prijzen en administratieve registratie. Er zijn dus zorgaanbieders die meerdere contracten hebben met één gemeente. Een enorme toename van de administratieve lasten.


Nog een voorbeeld

Er zijn gemeenten die werken met arrangementen, waarbij een zorgaanbieder zelf kan kiezen welke combinatie van producten nodig is voor de cliënt. Een goed en innovatief initiatief, zo lijkt het. Maar vanuit sturing en verantwoordingsbehoefte moeten diezelfde zorgaanbieders wel alle geleverde producten per cliënt kenbaar maken bij de betreffende gemeente.


Wat is er nodig?

Er zijn dus nog verbeterslagen te maken tussen gemeenten en zorgaanbieders om de cliënt optimaal te kunnen ondersteunen. We zullen de komende periode met elkaar moeten kijken hoe we dit kunnen realiseren. Daarvoor zijn volgens ons in ieder geval drie zaken van belang:

  1. Hanteer een gezonde balans tussen vertrouwen en verantwoording. Maak hierbij afspraken die gebaseerd zijn op het principe “high trust, high penalty”.
  2. Zorg dat nieuwe inkooptrajecten integraal worden opgezet voor het sociaal domein zodat cliënten de beste ondersteuning krijgen en zorgaanbieders niet diverse inkooptrajecten moeten doorlopen. Dit kan bijvoorbeeld door gebiedsgericht in te kopen zoals de gemeente Arnhem gaat doen.
  3. Geef de zorgprofessional meer ruimte om de juiste ondersteuning in te zetten en richt de verantwoording meer in op het resultaat in plaats van uren en trajecten. Je kan hierbij denken aan vrij besteedbare budgetten.

 

Over GovLab

‘GovLab’ is een onderdeel van Deloitte dat zich specifiek richt op innovatie in de publieke sector. De visie van GovLab is dat door burgers, publieke en private partijen bij elkaar te brengen en gebruik te maken van technologische en sociale innovaties nieuwe oplossingsrichtingen tot stand kunnen worden gebracht voor maatschappelijke vraagstukken op terreinen zoals zorg, werk en inkomen, onderwijs en economie.

Neem voor meer informatie over GovLab contact op met Daniël Charité

Vond u dit nuttig?

Gerelateerde onderwerpen