Aanwijzing massaal bezwaar voor box-3 heffing in 2017 | Deloitte Nederland

Article

Aanwijzing massaal bezwaar voor box-3 heffing in 2017

De Staatssecretaris van Financiën heeft de massaalbezwaarprocedure van toepassing verklaard op bezwaarschriften tegen de box 3-heffing in de aanslag inkomstenbelasting 2017.

25-07-2018

Box-3-heffing

In Nederland wordt in box 3 inkomstenbelasting geheven over het voordeel uit sparen en beleggen, ook wel de vermogensrendementheffing genoemd. Daarbij wordt uitgegaan van een forfaitair rendement over het saldo van bezittingen en schulden, nadat dit verminderd is verminderd met het heffingvrije vermogen (2017: € 25.000). Het in aanmerking te nemen forfaitaire rendement bedroeg tot en met het jaar 2016 voor de gehele rendementsgrondslag 4%. Hierover werd vervolgens 30% inkomstenbelasting geheven. Effectief resulteerde dit in een vaste heffing per jaar van 1,2% over de waarde van het box-3-vermogen.

Omdat het werkelijke rendement dat belastingplichtigen de afgelopen jaren hebben behaald op hun spaarrekeningen en andere bezittingen in box 3 veelal lager is dan het forfaitaire rendement van 4%, maakt de box-3-heffing volgens sommigen een ongerechtvaardigde inbreuk op het eigendomsrecht. Naar aanleiding van deze kritiek is de heffingssystematiek van box 3 per 1 januari 2017 ingrijpend gewijzigd, in die zin dat nu onderscheid wordt gemaakt tussen het rendement op spaartegoeden vorderingen en schulden (2017: 1,63%) en het rendement op vastgoed, aandelen, obligaties en overige bezittingen (2017: 5,39%). Naarmate het box-3 vermogen toeneemt wordt dit voor een groter deel geacht uit beleggingen te bestaan en wordt dus een hoger forfaitair rendement in aanmerking genomen. Voor het jaar 2017 resulteert dit in de volgende percentages:  

 Grondslag

Forfaitair rendement 2017

€ 0 – € 75.000

2,87%

€ 75.000 – € 975.000

4,60%

> € 975.000

5,39%



Massaalbezwaarprocedure

Ondanks deze wat fijnmaziger benadering, kan het daadwerkelijk door een belastingplichtige gerealiseerde rendement nog altijd fors afwijken van het forfaitaire rendement in box 3. Om die reden heeft de Bond voor Belastingbetalers opgeroepen om bezwaar te maken tegen de box 3-heffing in de aanslag inkomstenbelasting over 2017.

De staatssecretaris van Financiën vreest dat op grote schaal gevolg zal worden gegeven aan deze oproep en heeft de massaalbezwaarprocedure van toepassing verklaard. De aanwijzing geldt voor alle bezwaarschriften die de vraag aan de orde stellen of de box-3 heffing op regelgevingniveau in strijd is met het recht op ongestoord genot van eigendom (art. 1 Eerste Protocol EVRM) danwel het discriminatieverbod (art. 14 EVRM). Deze rechtsvragen zullen in enkele representatieve zaken tot in hoogste instantie worden uitgeprocedeerd. De andere bezwaarschriften worden aangehouden, althans voor zover deze betrekking hebben op de rechtsgeldigheid van de box 3-heffing.

Als de Hoge Raad arrest heeft gewezen, zal de inspecteur collectief uitspraak doen op bezwaar. Tegen die beslissing staat geen beroep open. Indien de belastingdienst geheel of gedeeltelijk in het ongelijk is gesteld, krijgt de inspecteur nog zes maanden de tijd om een en ander cijfermatig uit te werken en teruggaaf te verlenen. Wij benadrukken dat de aanslag inkomstenbelasting 2017 alleen zal worden verminderd als tijdig (dat wil zeggen binnen zes weken na dagtekening van de aanslag) bezwaar is aangetekend. Meeliften op de collectieve procedure is onder de nieuwe massaalbezwaarregeling niet langer mogelijk. Ambtshalve teruggaaf zal niet worden verleend. Wel heeft de staatssecretaris aangegeven dat alle bezwaarschriften die vóór 15 juli 2018 zijn ingediend en gericht zijn tegen de box 3-heffing over 2017 als tijdig zullen worden aangemerkt. 


Bron: Brief staatssecretaris van Financiën 13 juli 2018, 2018-0000116130 

Vond u dit nuttig?