Belastingplan 2018 aangenomen door Eerste Kamer | Deloitte

Article

Belastingplan 2018 aangenomen door Eerste Kamer

Belastingplan 2018 - Prinsjesdag

De Eerste Kamer heeft op 19 december 2017 ingestemd met alle onderdelen van het pakket Belastingplan 2018. Ook is een wetsvoorstel aangenomen dat voorziet in de geleidelijke afbouw van de zogenoemde Hillen-regeling.

20 december 2017

Belastingplan 2018

Op 19 december 2017 heeft de Eerste Kamer ingestemd met alle onderdelen van het pakket Belastingplan 2018. Het gaat daarbij om de volgende wetsvoorstellen:

  • Belastingplan 2018
  • Overige fiscale maatregelen 2018
  • Wet inhoudingsplicht houdstercoöperatie en uitbreiding inhoudingsvrijstelling
  • Wet afschaffing van de btw-landbouwregeling


De meeste van de hierin opgenomen maatregelen treden per 1 januari 2018 in werking. Tevens heeft de Eerste Kamer ingestemd met de geleidelijke uitfasering van de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld (de zogenoemde Hillenregeling). Vanaf 2019 wordt deze aftrekpost jaarlijks met 3,33% afgebouwd, totdat de regeling in 2048 ophoudt te bestaan.

Hieronder hebben wij een overzicht opgenomen van de in 2018 geldende tarieven en percentages.

Vennootschapsbelasting

De tarieven en tariefschijven in de vennootschapsbelasting blijven in 2018 nog ongewijzigd. Tot een belastbaar bedrag van € 200.000 bedraagt het tarief 20%; voor het meerdere geldt het reguliere tarief van 25%. De komende jaren zullen deze tarieven overigens stapsgewijs met in totaal 4%-punt worden verlaagd tot respectievelijk 16% en 21% in 2021.

Tegenover deze toekomstige tariefverlagingen staat dat de eerder voorziene verlenging van de eerste tariefschijf is teruggedraaid. Bovendien wordt het effectieve tarief voor voordelen die onder de innovatiebox vallen reeds per 1 januari 2018 verhoogd naar 7%.

Inkomstenbelasting

Box 1 (inkomen uit werk en woning)

De tarieven voor belastingplichtigen die na 1 januari 1946 zijn geboren en nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, luiden in 2018 als volgt:

bij een box 1- inkomen van meer dan

maar niet meer dan

belasting-tarief

tarief premie volksverzekeringen

totaal

-

€ 20.142

8,90%

27,65%

36,55%

€ 20.142

€ 33.994

13,20%

27,65%

40,85%

€ 33.994

€ 68.507

40,85%

-

40,85%

€ 68.507

-

51,95%

-

51,95%

 

De tarieven voor belastingplichtigen die op of na 1 januari 1946 zijn geboren, maar wel de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, luiden in 2018 als volgt:

bij een box 1- inkomen van meer dan

maar niet meer dan

belasting-tarief

tarief premie volksverzekeringen

totaal

-

€ 20.142

8,90%

9,75%

18,65%

€ 20.142

€ 33.994

13,20%

9,75%

22,95%

€ 33.994

€ 68.507

40,85%

-

40,85%

€ 68.507

-

51,95%

-

51,95%

 

Voor belastingplichtigen die vóór 1 januari 1946 zijn geboren gelden dezelfde tarieven als in de hierboven opgenomen tabel, maar enigszins afwijkende schijfgrenzen:

bij een box 1- inkomen van meer dan

maar niet meer dan

belasting-tarief

tarief premie volksverzekeringen

totaal

-

€ 20.142

8,90%

9,75%

18,65%

€ 20.142

€ 34.404

13,20%

9,75%

22,95%

€ 34.404

€ 68.507

40,85%

-

40,85%

€ 68.507

-

51,95%

-

51,95%

 


Box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang)

Het tarief in box 2 bedraagt in 2018 ongewijzigd 25%.


Box 3 (inkomen uit sparen en beleggen)

Voor de berekening het forfaitaire rendement over het spaargedeelte van het box 3-vermogen wordt vanaf 2018 gebruik gemaakt van actuelere cijfers. Dit resulteert in de onderstaande forfaitaire rendementen voor de verschillende vermogensklassen: 

Grondslag box 3

forfaitair rendement 2018

€ 0 – € 70.800

2,02%

€ 70.800 – € 978.000

4,33%

> € 978.000

5,38%

 

Het tarief in box 3 bedraagt in 2018 ongewijzigd 30%. Wel is het heffingvrije vermogen verhoogd tot € 30.000 per belastingplichtige (2017: € 25.000).

Premies sociale verzekeringen

  • De premiepercentages voor de volksverzekeringen blijven in 2018 gelijk, respectievelijk 17,90% (AOW), 0,10% (ANW) en 9,65% (WLZ).
  • Voor de heffing van premies werknemersverzekeringen wordt in 2018 een maximumpremieloon van € 54.614 in aanmerking genomen.
  • Het percentage van de inkomensafhankelijke werkgeversbijdrage ZVW bedraagt in 2018 6,90%. Voor verzekeringsplichtigen geldt een inkomensafhankelijke bijdrage ZVW van 5,65%.
  • De Basispremie Arbeidsongeschiktheidsfonds (AO) is voor het jaar 2018 vastgesteld op 6,27%.
  • De premie voor het Algemeen werkloosheidsfonds (AW) bedraagt in 2018 2,85%.
Vond u dit nuttig?