Belastingplan 2021 - Overzicht autobelastingen, milieubelastingen en verhuurderheffing

Article

Overzicht maatregelen autobelastingen en milieubelastingen 

Belastingplan 2021 - Prinsjesdag

Hierbij een overzicht van de in het Belastingplan 2021 voorgestelde maatregelen met betrekking tot autobelastingen en milieubelastingen.

18 november 2020

Overzicht maatregelen autobelastingen en milieubelastingen

English version

Terug naar overzicht Belastingplan 2021

CO2-heffing industrie

Wet CO2-heffing industrie voorziet in een heffing op de emissie van broeikasgas (hierna: CO2) bij en voor industriële productie en afvalverbranding. De heffing heeft als doel om een CO2-reductie in de industrie te borgen die aansluit bij de geldende industriedoelstelling uit het Klimaatakkoord en daarbij tegelijkertijd Nederland aantrekkelijk te houden voor nieuwe en bestaande duurzame bedrijvigheid.

De heffing sluit nauw aan op het Europese emissiehandelssysteem (ETS). Wordt het ETS strenger, dan wordt de nationale heffing automatisch minder streng. De heffing is zo ontworpen dat het de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven en Nederland als vestigingsland zo min mogelijk schaadt. Ook wordt er rekening gehouden met de gevolgen van de coronacrisis voor de industrie.

Werking CO2-heffing industrie
De CO2-heffing is vormgegeven als een heffing met een afnemende vrijgestelde voet. Een deel van de uitstoot wordt vrijgesteld (in de vorm van dispensatierechten). Alleen de emissies die met het oog op de industriële reductiedoelstelling van het Klimaatakkoord en daaropvolgende herijkingen gereduceerd moeten worden, zullen belast worden. De vrijgestelde emissies zullen lineair worden afgebouwd tot in het jaar 2030. Alleen dat deel is vrijgesteld dat correspondeert met de reductiedoelstelling.

Belastingplichtigen
De heffing wordt in de eerste plaats geheven bij installaties vallend onder het EU ETS. Daarbij is de heffing in principe gericht op emissies die samenhangen met industriële productie. Van de werking van de heffing zijn daarom uitgezonderd installaties die uitsluitend worden geëxploiteerd voor glastuinbouw, stadsverwarming, elektriciteitsopwekking of het verwarmen en koelen van gebouwen en niet voor de productie van producten. Per saldo zijn daarmee naar verwachting 271 EU ETS installaties belastingplichtig voor de heffing. In aanvulling hierop wordt de heffing geheven bij afvalverbrandingsinstallaties en installaties met substantiële lachgasuitstoot.

Tarief van de heffing
Het tarief van de CO2-heffing bedraagt met ingang van 1 januari 2021 € 30 per ton kooldioxide-equivalent. Dit tarief loopt lineair op met € 10,56 per jaar tot en met 2030, zodat het tarief in 2030 € 125 per ton CO2 is. Op aangifte moet echter niet dit CO2-tarief worden voldaan, maar het in dat jaar geldende tarief minus de EU ETS prijs van datzelfde jaar. Indien de EU ETS prijs hoger is dan het CO2-tarief in het desbetreffende jaar, kan derhalve worden volstaan met een nihilaangifte.

Webcast BP 2021

Corina van Lindonk, Aart Nolten en Peter Kavelaars bespreken de opvallendste punten uit het Belastingplan 2021 in 30 minuten.

Kijk hier

Opslag Duurzame Energie

De Opslag Duurzame Energie (ODE) is een heffing op het verbruik van elektriciteit en aardgas conform dezelfde wetssystematiek als de energiebelasting. De heffing dient onder meer ter financiering van de met de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE++) samenhangende uitgaven.

Het kabinet stelt voor om de tarieven van de ODE over de gehele breedte te verhogen met 10 procent in 2021 en een kleinere verhoging voor 2022 ter dekking van de toenemende uitgaven voor subsidies (SDE ++) en financiering van de energie- en klimaattransitie.

Vervangen postcoderoosregeling door een subsidieregeling

De Regeling verlaagd tarief in de energiebelasting, beter bekend als de Postcoderoosregeling wordt per 1 april 2021 vervangen door een subsidieregeling. Vanaf die datum kunnen coöperaties en VVE’s subsidie aanvragen voor een zonne-energieproject of een kleinschalig windenergieproject. Net als in de huidige regeling wordt het postcodegebied gebruikt om het lokale karakter te waarborgen. De subsidie wordt uitbetaald aan de coöperatie of VVE waarbij de deelnemers aan het project lid moeten zijn van de coöperatie of VVE en bij aanvang wonen in hetzelfde postcodegebied als waar de elektriciteitsaansluiting van de productie-installatie zich bevindt. Er wordt voorzien in een overgangsregeling van 15 jaar voor leden van coöperaties die al beschikken over een aanwijzing en voor leden die vóór 1 april 2021 een verzoek doen tot aanwijzing, waarop de inspecteur na 1 april 2021 die datum beslist of diens beslissing na die datum onherroepelijk komt vast te staan.


Gerelateerd artikel - Belastingplan 2021 aangenomen door de Tweede Kamer

Belastingen van personenauto’s en motorrijwielen

Het belastbare feit voor de heffing van BPM wordt verplaatst van de tenaamstelling van het motorrijtuig naar het (eerdere) moment van inschrijving in het kentekenregister. In samenhang hiermee wordt degene die om inschrijving verzoekt voortaan als belastingplichtige aangemerkt. Voor wat betreft het afschrijvingspercentage op gebruikte auto’s wordt aansluiting gezocht bij het moment waarop onderzoek wordt gedaan naar de identiteit van het voertuig in het kader van de aanvraag om inschrijving in het kentekenregister. Achtergrond van deze wijzigingen is dat soms enige tijd verstrijkt tussen de inschrijving en de tenaamstelling. Dit leverde complicaties op, aangezien de heffing voldaan moet worden vóór de inschrijving, maar tegelijkertijd de staat van het motorrijtuig ten tijde van de tenaamstelling doorslaggevend was. De twee wijzigingen leveren de volgende verbeteringen op in de bpm: een gelijke fiscale behandeling tussen binnenlandse handel en importhandel, minder bezwaarschriften, beter toezicht en een minder complex stelsel. De wijzigingen treden in werking per 1 januari 2022.

Aanscherpen van de CO2-schijfgrenzen en schijftarieven in de bpm

Uit onderzoek van TNO volgt de verwachting dat conventionele auto’s zuiniger in CO2-uitstoot worden als gevolg van technologische ontwikkelingen. Om die ontwikkelingen te laten doorwerken in de Wet BPM worden de CO2-schijfgrenzen verlaagd met 4,2%. De tarieven, belastingbedragen per gram/kg CO2-uitstoot met uitzondering van de vaste voet, worden eerst geïndexeerd en vervolgens verhoogd met 4,38%. De CO2-grens voor de dieseltoeslag wordt aangescherpt van 80 gram per kilometer in 2020 naar 77 gram in 2021. Het tarief voor de dieseltoeslag wordt verhoogd van € 78,82 naar € 83,59.

Did you find this useful?