Bemiddeling bij verkoop garantiecertificaat kwalificeert als verzekeringsprestatie en leidt tot een btw-aftrekbeperking -

Article

Bemiddeling bij verkoop garantiecertificaat kwalificeert als verzekeringsprestatie en leidt tot een btw-aftrekbeperking

Op 8 juli 2021 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ) uitspraak gedaan in de zaak Rádio Popular (C-695/19).

26 juli 2021

In dit arrest, waarbij uitspraak is gedaan zonder dat de AG een conclusie heeft genomen, worden twee rechtsvragen beantwoord. Namelijk dat een (verlengd) garantiecertificaat kan kwalificeren als (btw-vrijstelde) verzekeringsprestatie en dat een dergelijk product niet kwalificeert als een (bijkomstige) financiële prestatie die buiten de berekening van het aftrekrecht van een belastingplichtige kan worden gehouden.

Achtergrond

De Portugese Rádio Popular NV houdt zich bezig met de verkoop van huishoudelijke apparaten en andere computer- en telecomproducten. Zij biedt daarnaast als aanvullende dienst de verlenging van de garantie voor een periode die langer is dan de door de fabrikant gedekte periode aan. Rádio Popular brengt de koper voor de verlengde garantie een bedrag in rekening dat boven op de prijs van het aangekochte product komt. Hiervoor wordt een verzekeringsovereenkomst gesloten tussen een verzekeringsonderneming en de kopers.

De verkoop van de garantie vindt gelijktijdig plaats met de verkoop van de producten en wordt met dezelfde materiële en personele middelen verricht als de middelen die voor de verkoop van de producten zelf worden ingezet.

Rádio Popular was van mening dat de verkoop van de verlengde garantie als btw-vrijgestelde handeling ter zake van verzekering kwalificeerde en heeft daarom geen btw in rekening gebracht.

Rádio Popular heeft alle btw op kosten volledig in aftrek gebracht, omdat zij van mening is dat de verkoop van de verlengde garantie een bijkomstige (financiële) handeling is en daarom buiten beschouwing moet worden gelaten voor de berekening van het aftrekbare gedeelte van haar algemene kosten (pro rata).

De Portugese Belastingdienst betoogde dat de omzet uit de verlengde garanties wel meegenomen moest worden als relevante (btw-vrijgestelde) omzet voor het pro rata.

Btw-kwalificatie verlengde garantie

Partijen zijn het erover eens dat de activiteiten van Rádio Popular bij de verkoop van de verlengde garantie onder artikel 135 lid 1 sub a btw-richtlijn vallen en als zodanig van btw zijn vrijgesteld.

Het HvJ analyseert de activiteiten en oordeelt dat Rádio Popular als bemiddelaar optreedt en (a priori) aan de criteria voldoet voor het toepassen van de genoemde btw-vrijstelling (onder voorbehoud van verificaties die uiteindelijk aan de verwijzende rechter staan).

Bijkomstige financiële handeling

Op grond van de btw-richtlijn, blijft onder andere de volgende omzet uit de berekening voor de bepaling van het pro rata: (1) omzet met betrekking tot bijkomstige financiële handelingen en (2) omzet met betrekking tot de in artikel 135, lid 1, onder b) tot en met g), bedoelde handelingen die bijkomstig zijn. Het doel hiervan is dat het aftrekrecht van btw op algemene kosten niet wordt verstoord door omzet die niet ontstaat door de bedrijfsactiviteiten van de belastingplichtige, maar slechts incidenteel of bijkomstig zijn.

Het verschil tussen beide categorieën is vaak onderwerp van discussie. Het HvJ stelt dat verzekeringsprestaties expliciet zijn uitgesloten van de tweede categorie. Op basis van de fiscale neutraliteit, ziet het HvJ geen aanleiding om te stellen dat inkomsten uit verzekeringsprestaties wel onder de eerste categorie zouden moeten vallen.

Door deze conclusie wordt door het HvJ verder niet ingegaan of het aanbieden van de garantiecertificaten door een verkoper van huishoudelijke apparaten en andere computer- en telecomproducten als een bijkomstige prestatie moet worden gezien.

Gevolgen Nederlandse praktijk

In 2012 heeft de Hoge Raad in Nederland geoordeeld dat het door een verkoper van witgoed tegen vergoeding afzonderlijk aanbieden van (extra) garantie op verkochte producten een prestatie is die als bijkomend bij de hoofdprestatie moet worden aangemerkt. Deze bijkomstige prestatie deelt het fiscale lot van de hoofdprestatie, in de regel een met btw belaste levering van huishoudelijke apparaten en andere computer- en telecomproducten.

De feitelijke situatie in het arrest van de Hoge Raad verschilt van de feitelijke situatie in het onderhavige geval, omdat het in eerstgenoemde arrest de verkoper van het witgoed de certificaten zelf verstrekt en er geen verzekering tot stand komt tussen haar klanten en een verzekeraar.

In de Nederlandse praktijk bestaat soms onduidelijkheid over de btw-kwalificatie van garantiecertificaten. Indien een verkoper van huishoudelijke apparaten en andere computer- en telecomproducten garantiecertificaten aanbiedt aan haar klanten en daarmee in betrekking staat met zowel een verzekeraar en de verzekerde, kan ook gesteld worden dat deze activiteit wordt gezien als het essentiële aspect van een verzekeringstussenpersoon. Daarmee kwalificeert deze omzet als (btw-vrijgestelde) verzekeringsprestatie. Ook is mogelijk assurantiebelasting verschuldigd.

Naar onze mening is het daarom verstandig in kaart te brengen of dergelijke prestaties worden verricht en wat de btw-behandeling daarvan is.

Tot slot heeft het arrest gevolgen voor de interpretatie van bijkomstige financiële prestaties voor de bepaling van het aftrekrecht. Op basis van dit arrest vallen verzekeringsprestaties hier in ieder geval niet onder.

Did you find this useful?