Europese Raad stemt in met optionele verlenging DAC 6-termijnen | Deloitte Netherlands

Article

Europese Raad stemt in met optionele verlenging DAC 6-termijnen

De lidstaten moeten nu snel hun standpunt kenbaar maken, aangezien DAC 6 vanaf 1 juli 2020 van toepassing is. Nederland heeft al gekozen voor een uitstel van zes maanden.

1 July 2020

Op 24 juni 2020 heeft de Europese Raad overeenstemming bereikt over optioneel uitstel van zes maanden van de termijn voor het melden van meldingsplichtige constructies door intermediairs of betrokken belastingplichtigen in het kader van EU Richtlijn 2018/822 (‘DAC 6’). Ook is inmiddels overeenstemming bereikt over uitstel van de uitwisseling van informatie in het kader van DAC 6 tot begin 2021. Omdat de oorspronkelijke Richtlijn op 1 juli 2020 in werking treedt, is het zaak dat lidstaten die voor de verlengde termijnen kiezen de regels zo snel mogelijk in hun nationale wetgeving opnemen. Omdat het uitstel optioneel is, kan dit tot gevolg hebben dat uiteenlopende meldingstermijnen voor DAC 6 gelden tussen de EU lidstaten. Mogelijk leidt dit tot complicaties en problemen voor grensoverschrijdende ondernemingen binnen de EU.

Achtergrond

DAC 6 vereist dat intermediairs of, onder bepaalde omstandigheden, betrokken belastingplichtigen informatie verstrekken aan de bevoegde belastingautoriteiten met betrekking tot meldingsplichtige grensoverschrijdende transacties. De belastingautoriteiten moeten op hun beurt via een EU-portaal informatie uitwisselen met hun Europese tegenhangers.

Een constructie is meldingsplichtig wanneer deze voldoet aan een of meer van de kenmerken (hallmarks) die worden opgesomd in de bijlage bij de Richtlijn. Volgens de huidige bepalingen van DAC 6 moeten constructies die onder het bereik van de Richtlijn vallen vanaf 1 juli 2020 worden gemeld binnen 30 dagen nadat de constructie beschikbaar is gesteld voor implementatie, klaar is voor implementatie, of de eerste stap van de implementatie heeft plaatsgevonden. Informatie over constructies waarvan de eerste stap van de implementatie vanaf 25 juni 2018 tot 30 juni 2020 plaatsvindt, zou uiterlijk op 31 augustus 2020 worden gemeld.

Optionele verlenging van meldingstermijnen

De Europese Raad heeft echter ingestemd met een verlenging van de meldingstermijnen met maximaal zes maanden en heeft ook toestemming gekregen voor een verdere verlenging met maximaal drie maanden, indien de omstandigheden rond COVID-19 aanhouden. Omdat het in de Richtlijn geboden uitstel slechts optioneel is, zouden de lidstaten de oorspronkelijke termijnen kunnen blijven toepassen.

Lidstaten hebben de mogelijkheid de termijnen voor mededeling en de uitwisseling van informatie met zes maanden uit te stellen, op voorwaarde dat de volgende nieuwe meldingstermijnen voor meldingsplichtige grensoverschrijdende constructies gelden:

  • Indiening van de informatie over de voorfase niet later dan 28 februari 2021 (in plaats van 31 augustus 2020) voor meldingsplichtige grensoverschrijdende constructies waarvan de eerste stap werd uitgevoerd tussen 25 juni 2018 en 30 juni 2020.

Wanneer een lidstaat kiest voor de verlengde meldingstermijn voor de voorfase, heeft dit verschillende andere (niet-optionele) gevolgen:

  • De automatische uitwisseling van informatie uit de voorfase moet vóór 30 april 2021 plaatsvinden;
  • Wanneer een meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie beschikbaar wordt gesteld voor implementatie, klaar is voor implementatie, of wanneer de eerste stap van de implementatie ervan is gezet tussen 1 juli 2020 en 31 december 2020, gaat de termijn van 30 dagen voor de melding in op 1 januari 2021. Dit geldt zowel voor intermediairs als voor hulp-intermediairs; en
  • Het eerste periodieke verslag over verhandelbare constructies moet vóór 30 april 2021 worden opgesteld.

Er zijn dus drie verschillende perioden en respectieve termijnen die in aanmerking moeten worden genomen, namelijk:

  • Historische melding: 25 juni 2018 tot 30 juni 2020;
  • Overgangsperiode: 1 juli 2020 tot 31 december 2020; en
  • Reguliere toepassing: vanaf 1 januari 2021.

Nu is het aan de EU lidstaten

Omdat de Richtlijn slechts in een optioneel uitstel voorziet, is het nu aan de afzonderlijke lidstaten om een standpunt in te nemen over de vraag of zij de verlengde meldingstermijnen willen toepassen. Diverse EU-lidstaten, waaronder Nederland, hebben al meegedeeld dat zij voor verlenging van de meldingstermijnen met zes maanden zullen kiezen. Finland heeft aangegeven dat het de verlengde termijn niet zal toepassen. Een dagelijks bijgewerkt overzicht van de lidstaten die voor een opt-in of een opt-out kiezen, is hier te vinden.

Did you find this useful?