Geen HIR-dotatie voor herwaarderingswinst bij ontvoeging uit fiscale eenheid | Deloitte Nederland

Article

Geen HIR-dotatie voor herwaarderingswinst bij ontvoeging uit fiscale eenheid

De Hoge Raad oordeelt dat een als gevolg van een antimisbruikbepaling in aanmerking te nemen herwaarderingswinst niet kwalificeert voor toepassing van de regeling voor de herinvesteringsreserve.

4 april 2018

Herinvesteringsreserve

Door de regeling voor de herinvesteringsreserve (HIR) is het voor een ondernemer, onder bepaalde voorwaarden, mogelijk om belastingheffing over de boekwinst behaald bij de vervreemding van een bedrijfsmiddel uit te stellen. Achtergrond van deze regeling is de ruilgedachte, inhoudende dat bij de vervanging van een bedrijfsmiddel geen realisatie van de winst plaatsvindt indien het vervangende bedrijfsmiddel economisch dezelfde functie in de onderneming vervult. Belastingheffing bij de realisatie door vervreemding van een bedrijfsmiddel zou de continuïteit van een onderneming in gevaar kunnen brengen, waardoor een economisch wenselijke vervanging van een bedrijfsmiddel mogelijk achterwege blijft. In onderhavige zaak heeft de Hoge Raad het vervreemdingsbegrip voor toepassing van de HIR verder verduidelijkt.

Overdracht binnen fiscale eenheid

Moedermaatschappij X vormt een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting met dochtermaatschappij Y. Binnen de fiscale eenheid draagt de moedermaatschappij in 2007 een onroerende zaak over aan haar dochtermaatschappij. Aangezien sprake is van een overdracht binnen fiscale eenheid, hoeft geen boekwinst te worden verantwoord. De overgedragen onroerende zaak wordt verhuurd aan een derde partij. In 2010 verkoopt X de aandelen in Y aan deze derde. Als gevolg van de verkoop van de aandelen maakt de dochtermaatschappij niet langer deel uit van de fiscale eenheid. Deze ontvoeging leidt ertoe dat de antimisbruikbepaling van art 15ai Wet Vpb 1969 in werking treedt. Moedermaatschappij X dient de boekwinst behaald met de overdracht van de onroerende zaak alsnog in aanmerking te nemen (de zogeheten herwaarderingswinst). In geschil is of ter zake van deze winst een herinvesteringsreserve kan worden gevormd. Oftewel, komt de herwaarderingswinst voort uit de vervreemding van een bedrijfsmiddel?

Doel antimisbruikregeling

De Hoge Raad overweegt dat art. 15ai Wet Vpb 1969 tot doel heeft te voorkomen dat het desbetreffende vermogensbestanddeel kan overgaan naar een partij buiten de fiscale eenheid zonder dat het bij de fiscale eenheid komt tot afrekening van vennootschapsbelasting over een stille reserve die daarin aanwezig is. De Hoge Raad geeft aan dat de wetgever er in het bijzonder van is uitgegaan dat vorming van een herinvesteringsreserve niet mogelijk is ter zake van het bedrag aan herwaarderingswinst. Uit de parlementaire behandeling blijkt dat de herwaarderingswinst voor toepassing van de herinvesteringsreserve niet kan worden aangemerkt als een opbrengst uit de vervreemding van een bedrijfsmiddel. Derhalve is toevoeging van de herwaarderingswinst niet mogelijk. Voor moedermaatschappij X betekent het voorgaande dat sprake is van een regulier belaste herwaarderingswinst ter zake van de overdracht van de onroerende zaak.


Bron: HR 30 maart 2018, nr. 17/00726, ECLI:NL:HR:2018:459

Vond u dit nuttig?