Gerecht moet bij gebruik faxverkeer bijzondere regels in acht nemen | Deloitte Nederland

Article

Gerecht moet bij gebruik faxverkeer bijzondere regels in acht nemen

De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank haar beslissing om per fax een termijn te stellen voor de motivering van het beroepschrift vooraf aan de gemachtigde had moeten meedelen.

3 april 2018

Rechtsmiddelen

Een belastingplichtige die het niet eens is met een aan hem opgelegde belastingaanslag, met het vastgestelde verlies over een jaar, of met de vastegelde WOZ-waarde van zijn woning, kan daartegen bezwaar aantekenen bij de inspecteur respectievelijk de heffingsambtenaar. Tegen een afwijzende uitspraak, staat achtereenvolgens beroep open bij de rechtbank, hoger beroep bij het gerechtshof cassatieberoep bij de Hoge Raad.

Het instellen van een rechtsmiddel luistert echter nauw. Zo geeft de wet voorschriften over de inhoud van het bezwaar-of beroepschrift (NAW-gegevens, dagtekening, omschrijving bestreden besluit en motivering) en de termijn waarbinnen het moet worden ingediend. Wanneer deze bepalingen niet worden nageleefd, kan dit uiteindelijk tot niet-ontvankelijkverklaring leiden. Dit betekent dat het bezwaar of beroep niet inhoudelijk wordt behandeld.

Verzuimherstel

Voordat een bestuursorgaan of de rechter tot niet-ontvankelijkverklaring mag overgaan, moet een belanghebbende in de gelegenheid worden gesteld om gebreken in een bezwaar- of beroepschrift te herstellen (bijvoorbeeld door alsnog een motivering in te dienen). De belastingdienst hanteert als uitgangspunt een hersteltermijn van vier weken. Blijft een reactie uit, dan krijgt de belastingplichtige nog een laatste termijn van twee weken. Daarbij wordt vermeld dat de inspecteur het bezwaar niet-ontvankelijk zal verklaren wanneer het verzuim niet binnen die termijn is hersteld. De rechterlijke macht is strenger voor belanghebbenden, in die zin dat slechts eenmaal een termijn van vier weken (rechtbanken en gerechtshoven) c.q. zes weken (Hoge Raad) wordt gegeven. Uit een recent arrest blijkt echter dat bij het stellen van die termijn wel de nodige zorgvuldigheid moet worden betracht.

Gebruik faxverkeer

In voornoemde zaak draaide het om een gemachtigde die namens zijn cliënt een pro-forma beroepschrift had ingediend tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar met betrekking tot een WOZ-beschikking. De rechtbank had op 10 februari 2017 per fax een termijn van vier weken gesteld voor de motivering van het beroepschrift en het insturen van een machtiging. Aangezien de gemachtigde niet binnen deze termijn heeft gereageerd, is het beroepschrift op 14 april 2017 niet-ontvankelijk verklaard.

In verzet stelt de gemachtigde dat hij de fax van 10 februari 2017 nooit heeft ontvangen. In tegenstelling tot de rechtbank, is de Hoge Raad wel gevoelig voor diens argumenten. Uit de Algemene wet bestuursrecht volgt dat de bestuursrechter processtukken in principe per brief verzendt. Weliswaar biedt de wet de rechter de mogelijkheid om hiervan af te wijken, maar het gebruik van faxverkeer vereist wel bijzondere waarborgen om veilig te stellen dat deze stukken dezelfde aandacht krijgen als poststukken van gerechtelijke instanties. De Hoge Raad schrijft daarom voor dat de rechter die per fax een termijn wil stellen voor het herstel van een in potentie fataal verzuim, dit vooraf bekend moet maken.

In deze zaak staat volgens de Hoge Raad vast dat de rechtbank de gemachtigde niet vooraf in kennis heeft gesteld van haar voornemen om per fax een termijn te stellen voor de motivering van het beroepschrift en voor het insturen van een machtiging. Dit betekent dat de rechtbank het beroepschrift ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard.


Bron: HR 30 maart 2018, 17/04403, ECLI:NL:HR:2018:458

Vond u dit nuttig?