Article

Golfbaan en clubhuis lenen zich voor zelfstandig gebruik

In een al heel lang lopende overdrachtsbelastingzaak die gaat over de verkrijging van een perceel grond waarop later een golfbaan is aangelegd, heeft Hof Den Bosch op 30 maart jl. na verwijzing door de Hoge Raad uitspraak gedaan.

17 mei 2018

In zijn eerdere arrest in deze zaak oordeelde de Hoge Raad dat het bewerken van een terrein met natuurlijke materialen, er niet toe leidt dat een bouwwerk ontstaat. Dat betekent dat als de golfbaan als zodanig moet worden bezien geen sprake is van de levering van een bouwterrein en belanghebbende derhalve overdrachtsbelasting is verschuldigd. De vraag is echter of de golfbaan zich leent voor zelfstandig gebruik en of de golfbaan en het clubhuis niet gezamenlijk in ogenschouw genomen moeten worden om te beoordelen of de grond voor de aanleg van de golfbaan destijds kwalificeerde als bouwterrein.

Hof Den Bosch heeft geoordeeld dat de golfbaan zich – los van het clubhuis – leent voor zelfstandig gebruik.
De percelen hebben volgens het Hof niet te gelden als bebouwde grond. Het oprichten van schuilhutten op de golfbaan doet daar niet aan af omdat deze eenvoudig verplaatsbaar en verwijderbaar zijn en een uiterst klein oppervlakte van de percelen beslaan. De pompbuizen, bruggen, parkeerplaatsen, toegangswegen, drainagebuizen, putten, opgemetselde afslagplaatsen, beschoeiing, duikers, rioolgemaal, sproeiers, baaninrichting en beregeningsleidingen en –installaties zijn bouwwerken, maar zijn dienstbaar aan de onbebouwde grond. Daarmee kan dus ook niet worden gesproken van bebouwde grond. Het onbebouwde gedeelte van de percelen kwalificeert voorts niet als ’erbij behorend terrein’. Er is immers niet sprake van een terrein dat naar maatschappelijke opvattingen behoort bij dan wel dienstbaar is aan een gebouw.

Inmiddels is tegen deze uitspraak cassatie ingesteld.

Per 1 januari 2017 is de definitie voor bouwterrein aangepast in de btw-wetgeving. Hierdoor zullen meer gronden kwalificeren als bouwterrein voor de btw. Het is voor u van belang om bij de levering of verkrijging van onroerende zaken na te gaan of sprake is van een bouwterrein of niet. Mogelijk kunt u daarbij nog aansturen op de voor u meest gunstige behandeling (btw of overdrachtsbelasting). U kunt dit bespreken met uw adviseur.

Vond u dit nuttig?