Hoge Raad vraagt om nadere informatie na HvJ-arrest Fidelity Funds | Deloitte Nederland

Article

Hoge Raad vraagt om nadere informatie na HvJ-arrest Fidelity Funds

Recentelijk oordeelde het Hof van Justitie dat de Deense vrijstelling van bronbelasting voor dividenduitkeringen aan beleggingsfondsen onverenigbaar is met EU-recht. Het Hof vraagt nu of hiermee ook antwoord is gegeven op vragen in aanhangige Nederlandse procedures.

25 juli 2018

Prejudiciële vragen dividendbelasting

In relatie tot de heffing van dividendbelasting wordt al jaren gesteld dat onderdelen van deze wet in strijd zouden zijn met het EU-recht. Een van de discussiepunten betreft de afdrachtvermindering van dividendbelasting voor fiscale beleggingsinstellingen. Door de aan die afdrachtvermindering gestelde voorwaarden worden binnenlandse beleggingsinstellingen mogelijk bevoordeeld ten opzichte van vergelijkbare in andere landen gevestigde beleggingsfondsen.

Om duidelijkheid te verkrijgen over de vraag of deze fiscale behandeling daadwerkelijk de toets aan het EU-recht kan doorstaan, heeft de Hoge Raad in 2017 in een tweetal zaken prejudiciële vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie.

Fidelity Funds

Op 21 juni 2018 oordeelde het Hof van Justitie in de zaak Fidelity Funds ten aanzien van een Deense regeling dat sprake was van een inbreuk op EU-recht. Onder de Deense belastingwetgeving werd een dividenduitkering aan een Deens beleggingsfonds vrijgesteld van Deense bronbelasting, terwijl een dergelijke vrijstelling niet gold voor dividenden die werden betaald aan een buitenlandse UCITS. Dit verschil in behandeling kon niet worden gerechtvaardigd.

Verzoek Hof van Justitie

Na het arrest in de Deense kwestie heeft het Hof van Justitie een brief naar de Hoge Raad gestuurd met de vraag of deze zijn verzoek om een prejudiciële beslissing in de twee Nederlandse kwesties wenst te handhaven. Hiermee lijkt het Hof van Justitie te zinspelen op het intrekken van de Nederlandse procedures, omdat in het Deense arrest voldoende duidelijkheid zou zijn geboden om de Nederlandse discussie af te ronden.

De Hoge Raad heeft op 19 juli 2018 alle betrokkenen (de procespartijen, derden die zich in de procedure hebben gemengd en de Advocaat-Generaal) uitgenodigd om te reageren op het verzoek van het Hof van Justitie. In een eerste reactie heeft de Hoge Raad inmiddels aangegeven dat het niet op voorhand zeker is dat het arrest Fidelity Funds alle benodigde nuttige aanwijzingen bevat voor opheldering van de gestelde vragen in de Nederlandse procedures.

Vond u dit nuttig?