Indirect Tax Alert | Deloitte Nederland

Article

Indirect Tax Alert

Hof acht geen sprake van met btw belaste shortstay-verhuur van woningen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden gaat niet mee in stelling van de belanghebbende dat in zijn specifieke situatie sprake was van met btw belaste shortstay-verhuur van woningen.

7 maart 2022

Achtergrond

De belanghebbende had nieuw gebouwde woningen met btw aangekocht en wilde deze ook met btw verkopen aan particuliere kopers. De markt zat evenwel tegen en belanghebbende besloot de nog niet verkochte woningen over te gaan tot tijdelijke verhuur in het kader van de Leegstandswet. De tijdelijke huurders hadden in dat kader geen huurbescherming en konden minimaal 6 maanden en maximaal 24 maanden huren. Omdat belanghebbende de woningen gemeubileerd verhuurde was hij van mening dat deze verhuur vergelijkbaar was met de verhuur in het kader van het hotel-, pension-, kamp- en vakantiebestedingsbedrijf en daarmede belast met btw (tegen het lage tarief), waardoor hij recht zou hebben op aftrek van btw voor o.a. de btw op de aanschaf van de woningen.

Geschil en oordeel Hof

De fiscus was het niet eens met de belanghebbende en weigerde de aftrek. Het Hof is het eens met de fiscus nu de verhuur op grond van de onderstaande omstandigheden niet vergelijkbaar was met de verhuur in het kader van het hotel-, pension-, kamp- en vakantiebestedingsbedrijf:

  • De huurders waren belast met de zorg van de inventaris nu zij de kosten droegen van kleine herstellingen (en deze ook daadwerkelijk verrichtten) en zelf verantwoordelijk waren voor het schoonhouden van het gehuurde appartement.
  • De huurders werden rechtstreeks aangeslagen voor de gemeentelijke heffingen en de waterschapslasten en nagenoeg alle huurders hadden zelf een contract afgesloten met een energiemaatschappij.
  • De huurders hadden zich ingeschreven in de BRP en beschikten op één huurder na niet over andere woonruimte, waardoor het middelpunt van hun maatschappelijke leven naar de gehuurde woning was verschoven.
  •  Beide partijen hadden op basis van de huurovereenkomst een inspanningsverplichting om na afloop van een tijdelijke huurovereenkomst een nieuwe tijdelijke huurovereenkomst voor de periode van zes maanden aan te gaan, zolang belanghebbende de woning niet had verkocht. De meeste huurders hebben het gehuurde dan ook voor een significant langere periode dan zes maanden gehuurd.
  • Tenslotte was in een aantal huurovereenkomsten een voorkeursrecht tot koop van het appartement opgenomen.

Belanghebbende beriep zich ook nog op het vertrouwensbeginsel nu er afstemming met de fiscus had plaatsgevonden, maar dat beroep is niet door het Hof gehonoreerd.

Belang voor de praktijk

Uit deze uitspraak blijkt weer eens te meer dat het voldoen aan de eisen voor een met btw belaste shortstay-verhuur van woningen zeer nauw luistert. Elke casus dient op zeer zorgvuldige wijze beoordeeld te worden om te kijken of er voldoende argumenten zijn om te kunnen spreken van met btw belaste shortstay-verhuur. In casu kunnen wij het oordeel van het Hof overigens billijken gezien de vastgestelde omstandigheden.

Did you find this useful?