Loonheffing verschuldigd voor werknemer met een mondelinge arbeidsovereenkomst | Deloitte

Article

Loonheffing verschuldigd voor werknemer met een mondelinge arbeidsovereenkomst

Ook een mondelinge overeenkomst kwalificeert volgens Hof Den Bosch als een arbeidsovereenkomst. De inspecteur heeft de uitbetaling terecht als loon aangemerkt waarover loonheffing verschuldigd was.

22 november 2017

Naheffingsaanslag

Een handelskwekerij had in 2003 een werknemer in dienst op grond van een mondelinge arbeidsovereenkomst. De werknemer ontving direct een netto loon van circa € 10.000 waarover geen loonheffing was berekend. Ook werden geen aangiften loonheffingen ingediend. Toen de inspecteur dit ontdekte, heeft hij in november 2008 een naheffingsaanslag van € 13.139 vastgesteld met toepassing van het anoniementarief. Ook is een vergrijpboete van 25% opgelegd en is heffingsrente in rekening gebracht. Nadat de ondernemer in de beroepsfase al bot had gevangen bij Rechtbank Zeeland-West Brabant, probeerde hij in hoger beroep Hof Den Bosch alsnog van zijn gelijk te overtuigen. Ook ditmaal zonder succes.

Verjaring naheffingstermijn

Het eerste geschilpunt betrof de vraag of de naheffingsaanslag tijdig is vastgesteld. Belanghebbende stelde dat de naheffingsbevoegdheid over januari 2003 per ultimo januari 2008 was verjaard, waardoor de met dagtekening 28 november 2008 vastgestelde naheffingsaanslag te laat zou zijn. Het Hof veegt deze stelling echter van tafel en wijst erop dat de naheffingstermijn van vijf jaar pas een aanvang neemt na het einde van het kalenderjaar waarin de belastingschuld is ontstaan. De naheffingsaanslag is derhalve tijdig opgelegd.

Mondelinge overeenkomst

Ook met de stelling dat de betreffende persoon niet in dienstbetrekking was, weet de ondernemer het Hof niet te overtuigen. De inspecteur is volgens het Hof geslaagd in zijn bewijslast dat sprake was van een dienstbetrekking, aangezien er een arbeids- en gezagsverhouding was, de werknemer verplicht was de arbeid persoonlijk te verrichten en de ondernemer daarvoor loon moest betalen. Het feit dat het hier een mondelinge overeenkomst betreft, doet hieraan niet af. Het Hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank dat sprake was van een dienstbetrekking en dat over het betaalde loon loonheffing verschuldigd was.

Vergrijpboete

Ook de vergrijpboete wegens (voorwaardelijk) opzet blijft in stand. De ondernemer moet er volgens het Hof bekend mee zijn geweest dat de werknemer in dienstbetrekking werkzaam was en dat de uitbetaalde lonen in de loonheffing hadden moeten worden betrokken. Wel wordt de hoogte van de boete gematigd vanwege de lange duur van de procedure.


Bron: Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 6 oktober 2017, nr. 14/00350 R, ECLI:NL:GHSHE:2017:4321

Vond u dit nuttig?

Gerelateerde onderwerpen