Ontwerpbesluit Nederlandse UBO-definitie gepubliceerd

Article

Ontwerpbesluit Nederlandse UBO-definitie gepubliceerd

Recentelijk is een ontwerpbesluit gepubliceerd waarin wordt aangegeven welke categorieën natuurlijke personen als UBO worden aangemerkt voor in Nederland voorkomende juridische entiteiten.

7 februari 2018

Achtergrond

Op grond van de vierde Europese antiwitwasrichtlijn is Nederland verplicht om een register met gegevens over UBO’s (‘ultimate beneficial owners’) in te voeren. Met deze richtlijn wil de Europese wetgever een nieuwe slag maken in de strijd tegen witwassen en financiering van terrorisme. Volgens de richtlijn dient de identiteit van de natuurlijke persoon die gerechtigd is tot een juridische entiteit of daarover zeggenschap uitoefent te worden vastgesteld. Alle lidstaten van de EU dienen een register met informatie over deze UBO’s op te zetten. De vierde antiwitwasrichtlijn bevat voor EU-lidstaten, naast de implementatie van een UBO-register, een aanscherping in de verplichting voor bepaalde dienstverleners (o.a. kredietinstellingen, financiële instellingen, auditors, externe accountants, belastingadviseurs en notarissen) om cliëntenonderzoek te verrichten voorafgaand aan het aangaan van een zakelijke relatie. In het kader van dit cliëntenonderzoek dient de natuurlijke persoon die rechthebbende is van een juridische entiteit of de zeggenschap over de entiteit uitoefent te worden geïdentificeerd.

Cliëntenonderzoek

Op 31 januari 2018 is de internetconsultatie over het ontwerpuitvoeringsbesluit Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme 2018 van start gegaan. Dit ontwerpbesluit voorziet in een uitwerking van het begrip UBO. De aldus geformuleerde definitie is uitdrukkelijk bedoeld in het kader van het verplichte cliëntenonderzoek voorafgaand aan het aangaan van een zakelijke relatie. Inhoudelijk komt de definitie van het begrip UBO voor het cliëntenonderzoek en het UBO-register op hetzelfde neer. Er is echter bewust voor gekozen om twee separate definities in de wetgeving op te nemen, om de andere invalshoek die geldt in de twee situaties tot uitdrukking te brengen. Het is dus niet zeker dat voor het UBO-register precies dezelfde uitwerking van het UBO-begrip gaat gelden.

Definitie

In het ontwerpbesluit worden categorieën van natuurlijke personen opgesomd die voor specifieke juridische entiteiten in elk geval beschouwd worden als UBO. Het is nadrukkelijk niet bedoeld als limitatieve opsomming voor de mogelijke UBO’s van een entiteit. Tevens kan een entiteit meerdere UBO’s hebben. Hierna gaan we kort in op de UBO-definitie voor een aantal in het voorstel opgenomen juridische entiteiten:

  • UBO’s van een bv, nv of daarmee vergelijkbare juridische entiteit zijn de natuurlijke personen die uiteindelijk eigenaar zijn van, of zeggenschap hebben over de vennootschap. Daarvan kan sprake zijn indien de UBO direct of indirect meer dan 25% van de aandelen, stemrechten of het eigendomsbelang in die vennootschap houdt. Indien er twijfel bestaat over de UBO van een vennootschap op grond van voorgaande definitie, worden de natuurlijke personen die behoren tot het hoger leidinggevend personeel van de vennootschap als UBO aangemerkt. Als de bv, nv of daarmee vergelijkbare juridische entiteit moet voldoen aan de openbaarmakingsvereisten voor beursgenoteerde vennootschappen, worden de hiervoor beschreven aandeelhouders niet als UBO aangemerkt. Vanwege de reeds geldende openbaarmakingsvereisten wordt het niet nodig geacht dergelijke natuurlijke personen als UBO aan te merken.
  • Voor een maatschap wordt kort gezegd een natuurlijke persoon met een recht op meer dan 25% van de winst als UBO aangemerkt. Leden van verenigingen die meer dan 25% van de stemmen kunnen uitoefenen worden ook als UBO aangemerkt. Voor zowel maatschappen als verenigingen geldt als uiterste terugvaloptie het aanmerken van hoger leidinggevend personeel als UBO. De UBO-definitie voor een maatschap geldt ook voor o.a. commanditaire vennootschappen, vennootschappen onder firma en coöperaties.
  • Oprichters, trustees, eventuele protectors en de begunstigden van een trust worden als UBO van een trust aangemerkt. Daarnaast kwalificeren natuurlijke personen die zeggenschap over een trust uitoefenen, bijvoorbeeld door direct of indirect eigendom, als UBO. Dit laatste geldt ook voor stichtingen. Verder worden oprichters en bestuurders, alsmede eventuele begunstigden van een stichting, in elk geval als UBO van de stichting aangemerkt. 

Het fonds voor gemene rekening wordt daarentegen in het geheel niet genoemd in het voorstel. Eerder is aangegeven dat niet duidelijk is of voor een fonds voor gemene rekening ook een UBO geregistreerd zal moeten worden.

Vervolg

Belangstellenden kunnen tot 28 februari 2018 reageren op het ontwerpbesluit. De termijn voor implementatie van het UBO-register is echter reeds op 26 juni 2017 verstreken. Deze deadline is door Nederland dus niet gehaald. Naar verwachting zal het wetsvoorstel voor implementatie van het UBO-register in de Nederlandse wetgeving in juni 2018 worden ingediend bij de Tweede Kamer. Daarnaast zal het hiervoor besproken ontwerpbesluit na de consultatieronde mogelijk nog wijzigingen ondergaan. Het blijft dus vooralsnog wachten op de precieze invulling van het UBO-begrip die voor het cliëntenonderzoek en voor het UBO-register gaat gelden.


Bron: Ontwerp Uitvoeringsbesluit Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme 2018

Vond u dit nuttig?