Overlijdensuitkering uit zakelijke reis- en ongevallenverzekering is mogelijk vrijgesteld | Deloitte Nederland

Article

Overlijdensuitkering uit zakelijke reis- en ongevallenverzekering is mogelijk vrijgesteld

Een nabestaande van een MH17-slachtoffer ontvangt een overlijdensuitkering uit een reis- en ongevallenverzekering. Het Hof merkte de uitkering aan als belast loon uit vroegere dienstbetrekking van een ander, maar had volgens de Hoge Raad onvoldoende onderzocht of de uitkering was vrijgesteld.

1 juli 2021

Uitkering uit reis- en ongevallenverzekering

De zus van belanghebbende was inzittende van het vliegtuig met vluchtnummer MH17. Op grond van haar arbeidscontract had de werkgever van de zus een gecombineerde wereldwijde reis- en ongevallenverzekering afgesloten. Belanghebbende ontving een uitkering van $ 500.000 in verband met het overlijden van haar zus. Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat deze uitkering loon uit vroegere dienstbetrekking van de zus vormt. Het recht op een uitkering wegens overlijden ten gevolge van een ongeval dat voortvloeit uit de verzekering, is een aanspraak. Omdat deze aanspraak niet tot het loon behoort, vormt de uitkering volgens het Hof belastbaar loon.

Het gerechtshof is volgens de Hoge Raad echter ten onrechte voorbij gegaan aan de vraag of de verstrekking van de zakelijke reis- en ongevallenverzekering een vrije verstrekking vormde. De uitkering zag namelijk op het jaar 2014. Dat was het laatste jaar waarin een keuzemogelijkheid gold ten aanzien van de werkkostenregeling. En partijen waren overeengekomen om het ‘oude regime’ van vrije vergoedingen en verstrekkingen toe te passen. Het Hof heeft in elk geval niet voldoende gemotiveerd waarom de premie voor de zakelijke reis- en ongevallenverzekering, anders dan overige vergoedingen en verstrekkingen in verband met de veelvuldige internationale dienstreizen van de zus, binnen de grenzen van vrije verstrekkingen, niet voor vrijstelling in aanmerking komt.

Volgens de Hoge Raad moet vanuit de voor de verzekering als geheel betaalde premie worden beoordeeld of sprake is van een vrije verstrekking. De zaak is verwezen naar Hof ’s-Hertogenbosch om deze vraag alsnog te beantwoorden. De (impliciete) opdracht aan het verwijzingshof is om na te gaan of de betaalde verzekeringspremie naar algemeen maatschappelijke opvattingen al dan niet als beloningsvoordeel wordt ervaren. Als dat niet het geval blijkt te zijn, valt ook de uitkering buiten de loonsfeer en is deze vrijgesteld.


Bron: Hoge Raad 18 juni 2021, nr. 20/00551, ECLI:NL:HR:2021:956

Did you find this useful?