Toepassing lage WW-premie met terugwerkende kracht bij tijdelijke urenuitbreiding

Article

Toepassing lage WW-premie met terugwerkende kracht bij tijdelijke urenuitbreiding

Naar aanleiding van een recent uitgevoerd onderzoek ‘Mogelijkheden om flexibiliteit te realiseren binnen de lage WW-premie’ heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) bekend gemaakt de regels aan te gaan passen bij een tijdelijke urenuitbreiding. Tot het moment van aanpassing is het mogelijk om met terugwerkende kracht tot 2020 de lage WW-premie toe te passen op een tijdelijke urenuitbreiding. In deze alert informeren wij u over de aangekondigde wijzigingen.

Premiedifferentiatie WW-premie

De lage WW-premie wordt toegepast op een schriftelijk overeengekomen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, die geen oproepovereenkomst is. Is er geen sprake van een dergelijke arbeidsovereenkomst, dan moet de hoge WW-premie worden toegepast. De hoge WW-premie ligt 5%-punt hoger dan de lage premie. De regeling kent een aantal herzieningsgronden, waarvan in 2021 uitsluitend de herzieningsgrond geldt waarbij de dienstbetrekking eindigt binnen twee maanden na aanvang van het dienstverband. Is er sprake van een herzieningsgrond, dan dient alsnog de hoge WW-premie met terugwerkende kracht te worden toegepast.

Tijdelijke urenuitbreiding

Huidig beleid Belastingdienst

In het geval een arbeidsovereenkomst waarop de lage WW-premie van toepassing is tijdelijk met een bepaald aantal uren wordt uitgebreid, heeft de Belastingdienst het standpunt ingenomen dat de tijdelijke urenuitbreiding kwalificeert als een tweede arbeidsovereenkomst waarop de hoge WW-premie van toepassing is. Deze tijdelijke urenuitbreiding moet om die reden in een aparte inkomstenverhouding (IKV) aan worden gegeven. In 2020 en 2021 heeft de Belastingdienst echter goedkeuring gegeven om een tijdelijke uitbreiding in dezelfde IKV te verwerken. Deze mogelijkheid is verlengd tot 1 januari 2024.

Correctie afdracht WW-premie met terugwerkende kracht

In de praktijk werd over de tijdelijke urenuitbreiding niet altijd de hoge WW-premie afgedragen omdat deze uitbreiding – zoals ook uit jurisprudentie volgt - niet altijd kwalificeert als een tweede arbeidsovereenkomst. De minister is daarom voornemens om de regelgeving zodanig aan te passen dat er geen onduidelijkheid kan ontstaan over de toepassing van de hoge WW-premie bij een tijdelijke urenuitbreiding. Tot de datum van inwerkingtreding van de aangepaste regelgeving (die voorzien is op 1 januari 2023) mag over de urenuitbreiding de lage WW-premie worden toegepast in het geval de aanvankelijke arbeidsovereenkomst kwalificeert voor de lage WW-premie. De tijdelijke urenuitbreiding wordt dan (voorlopig) niet gezien als een tweede arbeidsovereenkomst of als een oproepovereenkomst.

In het geval de tijdelijke urenuitbreiding in overeenstemming met de werknemer is vastgelegd in een aparte arbeidsovereenkomst of in het geval de werkzaamheden of arbeidsvoorwaarden voor de urenuitbreiding wezenlijk verschillen van de bestaande arbeidsovereenkomst, blijft de hoge premie van toepassing op de tijdelijke urenuitbreiding.

Heeft u voor werknemers van wie de uren tijdelijk zijn uitgebreid en op wie de wijziging betrekking heeft over 2020 en/of 2021 de hoge WW-premie afgedragen, dan kunt u dit corrigeren. Deze correctie is dus slechts mogelijk indien op de reguliere arbeidsovereenkomst de lage WW-premie mag worden toegepast. Werkgevers kunnen de teruggaaf van de te veel afgedragen WW-premie aanvragen door de aangiften loonheffingen over 2020 en/of 2021 te corrigeren.

Beoogde wijziging

Volgens de minister van SZW is bij de totstandkoming van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) beoogd dat contractflexibiliteit, zoals een tijdelijke urenuitbreiding, altijd tot een hoge premie moet leiden. Dit lijkt op basis van de huidige wetgeving niet in alle gevallen mogelijk te zijn. Om dit resultaat alsnog te bereiken, heeft de minister aangekondigd te gaan onderzoeken of middels een wetswijziging het mogelijk gemaakt kan worden dat in elke situatie waarin een arbeidsovereenkomst tijdelijk wordt uitgebreid én bij arbeidsovereenkomsten met meerdere wisselende arbeidsomvangen, de hoge WW-premie van toepassing is.

De minister heeft tevens aangekondigd te onderzoeken of het mogelijk is om het tot op heden door de Belastingdienst uitgedragen beleid dat een tijdelijke urenuitbreiding onder de definitie van een oproepovereenkomst valt, te gaan herzien. In de praktijk worden dergelijke arbeidsovereenkomsten die een vaste urenomvang hebben niet gezien als een oproepovereenkomst en worden de zogenaamde oproepmaatregelen (o.a. het aanbieden van een vaste urenomvang) niet toegepast. Hierbij zal tevens de definitie van ‘oproepovereenkomst’ nader worden geduid. Nulurencontracten, min-maxcontracten en arbeidsovereenkomsten waarbij de loondoorbetalingsplicht is uitgesloten, blijven wel onder het bereik van de oproepovereenkomst vallen.

Mogelijkheden flexibiliteit binnen de lage WW-premie

Naast een tijdelijke urenuitbreiding die contractueel is vastgelegd, zijn er andere mogelijkheden om meer flexibiliteit binnen de lage WW-premie te realiseren. Het is bijvoorbeeld mogelijk om het aantal verloonde uren bij een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, niet zijnde een oproepovereenkomst, te verhogen tot maximaal 30% meer uren dan contractueel is overeengekomen. Ingeval de grens van 30% wordt overschreden dient alsnog de hoge WW-premie te worden toegepast, tenzij het aantal contracturen meer dan 35 uur per week bedraagt. Deze herzieningssituatie is in 2020 en 2021 niet toegepast, maar zal vanaf 2022 weer van toepassing zijn. Dit betekent dat ingeval het aantal verloonde uren 30% hoger is dan de contractueel overeengekomen uren, er een herziening van de lage WW-premie moet plaatsvinden.

Deloitte assistentie

Heeft u vragen of behoefte aan ondersteuning bij het onderzoeken van de mogelijkheden om met terugwerkende kracht een correctie te realiseren van de WW-premie, of anderszins vragen over de WAB, neem dan contact op met één van onze SV-specialisten:

Did you find this useful?