UBO-register treedt in werking | Deloitte Nederland

Article

UBO-register treedt in werking

Het wetsvoorstel ‘Implementatie registratie van uiteindelijk belanghebbende van vennootschappen en andere juridische entiteiten’ (“UBO-register”) is op 23 juni 2020 aangenomen door de Eerste Kamer. Het UBO-register is op 27 september 2020 in werking getreden.

22 oktober 2020

Het UBO-register is een register waarin persoonlijke gegevens worden opgenomen van uiteindelijk belanghebbenden (“UBO’s”) van Nederlandse vennootschappen en andere juridische entiteiten (de “registratieplichtigen”). Vanaf het moment van inwerkingtreding dienen registratieplichtigen informatie over hun UBO’s te verzamelen, bij te houden en te registreren in het UBO-register. 

Geen terugwerkende kracht

Vanaf 27 september 2020 hebben registratieplichtigen 18 maanden de tijd om bij de Kamer van Koophandel (“KvK”) hun UBO(’s) te registreren. Registratieplichtigen moeten diegene(n) registreren die op het moment van inschrijven als UBO kwalificeert. Er is dus geen sprake van terugwerkende kracht. Voor nieuw op te richten registratieplichtigen vindt de opgave van de UBO-informatie, na inwerkingtreding van de wet, gelijktijdig plaats met de inschrijving in het handelsregister van de KvK.

Te melden informatie

Registratieplichtigen dienen van iedere UBO bepaalde gegevens te registreren. Een deel van deze informatie is ‘openbaar’ toegankelijk via het Handelsregister van de KvK. Voor toegang tot deze informatie dient iemand wel een kostendekkende vergoeding (op het moment van schrijven € 2,50) te betalen en zich te registreren. Daarnaast is alle informatie toegankelijk voor bevoegde autoriteiten en de Financiële Inlichtingen Eenheid. De betreffende UBO kan zien hoe vaak zijn informatie in het handelsregister is geraadpleegd.


Publiektoegankelijke informatie van de UBO (na betaling en registratie):

  • Voor- en achternaam;
  • Geboortemaand en -jaar;
  • Nationaliteit;
  • Woonstaat; en
  • Aard en omvang van het economische belang van de UBO (weergegeven in bandbreedtes: meer dan 25% tot 50%, meer dan 50% tot 75% of meer dan 75% tot 100%).

 
Niet publiektoegankelijke informatie van de UBO:

  • Geboortedag;
  • Geboorteplaats en -land;
  • Woonadres;
  • Burgerservicenummer/buitenlands fiscaal identificatienummer (TIN); en
  • Afschriften van documenten ter onderbouwing van de UBO.

Gevolgen voor verschillende registratieplichtigen

Algemeen

In een separaat besluit is opgenomen welke categorie natuurlijke personen ‘in elk geval’ als UBO wordt beschouwd. Voor de besloten en naamloze vennootschap zijn dat:

natuurlijke personen die de uiteindelijke eigenaar zijn van of zeggenschap hebben over de vennootschap, via het direct of indirect houden van meer dan 25 procent van de aandelen, van de stemrechten of van het eigendomsbelang in de vennootschap, met inbegrip van het houden van toonderaandelen; of andere middelen.


Voor de stichting zijn dat natuurlijke personen die:

  • direct of indirect meer dan 25% van het eigendomsbelang houden in de stichting;
  • direct of indirect meer dan 25% van de stemmen kunnen uitoefenen bij besluitvorming ter zake van wijziging van de statuten van de stichting; of
  • de feitelijke zeggenschap kunnen uitoefenen over de stichting.


Voor personenvennootschapen (zoals de VOF of de cv) zijn dat natuurlijke personen die:

  • direct of indirect meer dan 25% van het eigendomsbelang houden in de personenvennootschap;
  • direct of indirect meer dan 25% van de stemmen kunnen uitoefenen bij besluitvorming ter zake van wijziging van de vennootschapsovereenkomst, of ter zake van de uitvoering van die overeenkomst anders dan door daden van beheer, voor zover in die overeenkomst besluitvorming bij meerderheid van stemmen is voorgeschreven; of
  • de feitelijke zeggenschap kunnen uitoefenen over de personenvennootschap.


Indien er geen UBO geïdentificeerd kan worden, dient het zogeheten hoger leidinggevend personeel als UBO geregistreerd te worden (“pseudo-UBO”). Voor rechtspersonen is bepaald dat dit alle statutair bestuurders zijn. Voor personenvennootschappen is bepaald dat dit alle vennoten zijn, met uitzondering van commanditaire vennoten.


Hierna gaan wij wat uitgebreider in op de UBO van specifieke vehikels.

Stichting Administratiekantoor

Een Stichting Administratiekantoor (“STAK”) bewerkstelligt een splitsing tussen juridische en economische eigendom bij vermogen, zoals bijvoorbeeld aandelen. Zij doet dit door de aandelen te certificeren en certificaten van aandelen uit te geven aan een certificaathouder (doorgaans de voormalig directe aandeelhouder). De STAK is juridisch gerechtigd tot de aandelen en mag daarop doorgaans het stemrecht uitoefenen. De certificaathouder is economisch gerechtigde en is gerechtigd tot de opbrengst op de aandelen (zoals dividenden).

Ook een STAK moet haar UBO registreren. Hiervoor gelden de gewone regels voor vaststelling van een UBO bij een stichting. De UBO’s van een STAK kunnen zijn:

  • Degene die gerechtigd is tot uitkeringen uit de STAK. Dit zijn niet per definitie de certificaathouders. De certificaten vertegenwoordigen immers een belang bij de aandelen (of ander onderliggend vermogen) en niet bij het vermogen van de STAK zelf. Het moet dus gaan om personen die uitkeringen ontvangen uit het eigen vermogen van de STAK. Dat eigen vermogen is bij de STAK doorgaans nauwelijks aanwezig, zodat op deze grond er veelal geen sprake is van een UBO bij een STAK.
  • Degene die meer dan 25% zeggenschap heeft over het wijzigen van de statuten van de STAK. Of en zo ja, wie dergelijke zeggenschap toekomt, zal doorgaans uit de statuten van de STAK blijken.
  • Degene die de feitelijke zeggenschap heeft. Dit begrip is niet verder gedefinieerd of gekwantificeerd. Het gaat volgens ons niet om de zeggenschap over de dagelijkse gang van zaken, maar om zeggenschap over het wezen van de stichting. Te denken valt aan het kunnen wijzigen van de statuten (net als onder het punt hiervoor) of het kunnen benoemen van de bestuurders van de stichting. Vanwege de vaagheid van dit begrip, lijkt het uitdagend om naar juridische maatstaven in voorkomende gevallen een UBO aan te wijzen.


Ingeval op basis van het bovenstaande geen UBO aangewezen kan worden, zullen de statutair bestuurders van de STAK als pseudo-UBO geregistreerd worden.


Commanditaire vennootschap

Een commanditaire vennootschap (“cv”) is een personenvennootschap waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen beherende vennoten en commanditaire vennoten. De beherend vennoot heeft de dagelijkse leiding en de commanditaire vennoot fungeert als geldschieter. De open cv, die fiscaal hetzelfde wordt behandeld als een bv, wordt in de praktijk wel eens gebruikt in het kader van vermogensstructurering. In dat geval is doorgaans een stichting beherend vennoot en is het vermogen van de cv afkomstig uit inbreng door de commanditaire venno(o)t(en). De stichting heeft doorgaans een beperkt winstrecht, terwijl de overige winst bij de commanditaire vennoot terechtkomt.

Ook dit soort ’cv’s moet zijn UBO registreren. Dat kunnen zijn:

  • De vennoot (beherend of commanditair) die meer dan 25% van het eigendomsbelang in de cv heeft. In het kader van vermogensstructurering zal dit doorgaans de commanditair vennoot zijn aan wie meer dan 25% van het vermogen van de cv toekomt.
  • Degene die, als het gaat om het aanpassen van de cv-overeenkomst, meer dan 25% van de zeggenschap daarover heeft.
  • Degene aan wie de feitelijke zeggenschap over de cv toekomt. Het komt in de praktijk voor dat de commanditair vennoot ook (mede)bestuurder is van de stichting die beherend vennoot van de cv is. In dergelijke gevallen ligt het voor de hand te concluderen dat ook omdat de feitelijke zeggenschap over de cv bij die persoon ligt, hij of zij ook om deze reden als UBO zou kwalificeren.


Ingeval op basis van het bovenstaande geen UBO aangewezen kan worden, zal degene(n) aan wie de zeggenschap binnen de stichting als beherend vennoot van de cv toekomt, als pseudo-UBO geregistreerd worden.


Open fonds voor gemene rekening op basis van de te verwachten meldingsplicht voor trust(achtigen)

In een open fonds voor gemene rekening (“OFGR”) beleggen ten minste twee participanten voor ‘gemene rekening’. Doorgaans is dan een stichting aangewezen als degene die het vermogen beheert (en ‘bewaart’). Een OFGR wordt fiscaal hetzelfde behandeld als een besloten vennootschap of open cv.

Een OFGR staat, in tegenstelling tot een besloten vennootschap of een cv, niet in het handelsregister ingeschreven, zodat een OFGR dan ook nog geen UBO kan registreren. Dit zal echter eerdaags veranderen omdat de UBO-registratie van het OFGR wordt meegenomen in het UBO-register voor trusts en trustachtigen. Van dit wetsvoorstel is recent de consultatieperiode afgesloten. Het definitieve wetsvoorstel moet dus nog ingediend worden. Wij berichtten u hier al eerder over.

De UBO’s van trusts en trustachtigen zijn:

  • de oprichter of oprichters;
  • de trustee of trustees;
  • voor zover van toepassing, de protector of protectors;
  • de begunstigden, of voor zover de afzonderlijke personen die de begunstigden zijn van de trust niet kunnen worden bepaald, de groep van personen in wier belang de trust hoofdzakelijk is opgericht of werkzaam is; en
  • elke andere natuurlijke persoon die door directe of indirecte eigendom of via andere middelen uiteindelijke zeggenschap over de trust uitoefent.


Bij een OFGR zullen naar verwachting als UBO kwalificeren de insteller(s), de beheerder (en als dat een stichting is, naar verwachting de bestuurder(s) van de stichting) en de participanten van het fonds. Zodra meer duidelijk is over dit wetsvoorstel en de praktische gevolgen ervan, zullen we u daarover vanzelfsprekend berichten.

Meer weten over UBO’s?

Wilt u meer weten over wat de UBO-registratieplicht in Nederland voor u betekent? Neem dan gerust contact op met Frank Deurvorst, Jeroen Doorakkers of Rudolf Janssen.

Did you find this useful?