Wel overdrachtsbelasting bij verkrijging kale juridische eigendom van aandelen in onroerendezaak-rechtspe| Deloitte Nederland

Article

Wel overdrachtsbelasting bij verkrijging kale juridische eigendom van aandelen in onroerendezaak-rechtspersonen

A-G Wattel heeft de Hoge Raad geadviseerd te oordelen dat een naar Duits recht opgerichte Kapitalverwaltungsgesellschaft overdrachtsbelasting is verschuldigd over de verkrijging van de (kale) juridische eigendom van aandelen in Nederlandse onroerendezaak-rechtspersonen.

9 november 2020

In een voor de praktijk belangrijke procedure heeft advocaat-generaal Wattel de Hoge Raad geadviseerd te oordelen dat een naar Duits recht opgerichte Kapitalverwaltungsgesellschaft overdrachtsbelasting is verschuldigd over de verkrijging van de (kale) juridische eigendom van aandelen in Nederlandse onroerendezaak-rechtspersonen.

De advocaat-generaal (hierna A-G) neemt daarbij een ander standpunt in dan Rechtbank Zeeland-West-Brabant en Gerechtshof ’s-Hertogenbosch (zie onze alert van 3 maart 2020 voor meer informatie over de beslissing van het Hof).

Achtergrond

Op basis van de Wet BRV wordt de verkrijging van aandelen in een onroerendezaak-rechtspersoon (hierna: OZR) belast met overdrachtsbelasting, mits een belang van 1/3 of meer wordt verkregen.

In de onderhavige casus heeft een Kapitalverwaltungsgesellschaft (hierna: KVG) alle aandelen in meerdere Nederlandse OZRs gekocht namens een Duits Sondervermögen (hierna: SV). Als gevolg daarvan heeft de KVG de juridische eigendom van de aandelen verkregen en (de participanten in) het SV het volledige economische eigendom van de aandelen. In geschil is of de KVG een derde of meer belang heeft verkregen en daarmee ter zake van deze verkrijging overdrachtsbelasting is verschuldigd.

Conclusie A-G

A-G Wattel concludeert anders dan rechtbank en hof dat de KVG overdrachtsbelasting is verschuldigd. De term ‘belang’ heeft de vroegere term ‘geplaatst kapitaal’ vervangen om bepaalde OZR-aandelen te kunnen negeren bij de vraag of 1/3 belang wordt verkregen in een OZR, nl. de aandelen die niet representatief zijn voor de (exploitatie)waarde van het onroerend goed van de OZR, met name voor waardeverandering en overwinst. Alleen aandelen waarvan de waarde daarmee wél correleert, tellen mee voor de 1/3-grens. Aangezien de onderhavige OZRs maar één soort aandelen hebben uitgegeven, tellen alle OZR-aandelen mee voor de vraag of zij het ‘belang’ in de (bezittingen van de) OZRs vertegenwoordigen. De KVG heeft alle OZR-aandelen verkregen, dus meer dan een derde, zodat zij overdrachtsbelasting is verschuldigd.

Gevolgen voor de praktijk

Als de Hoge Raad de conclusie van de A-G volgt, vormt dit een bevestiging van de bestaande praktijk. Op dit moment wordt veelal overdrachtsbelasting betaald bij dit soort situaties van aandelenverkrijging, niet alleen ingeval van SVs maar ook bijvoorbeeld bij fondsen voor gemene rekening met een aparte bewaarder/beheerder en CV’s met een beherend vennoot die de juridische eigendom houdt.

Wij verwachten dat de Hoge Raad de A-G zal volgen nu de wetgever eenmaal heeft gekozen voor heffing bij de verkrijging van (kale) juridische eigendom van onroerende zaken, en het dan in het systeem past dat eveneens overdrachtsbelasting wordt geheven indien deze (kale) juridische eigendom indirect volledig wordt verkregen via de (kale) juridische eigendom van aandelen.

Analyse Tax-i™

Om u enige duiding te geven in de historische context hebben wij via Tax-i een analyse uitgevoerd naar eerdere conclusies van A-G Wattel en de latere uitspraak van de Hoge Raad. Hierin zien we dat A-G Wattel in 69% van zijn conclusies door de Hoge Raad wordt gevolgd.

Slot

Wij adviseren u in voorkomend geval bezwaar aan te tekenen tegen een aangifte overdrachtsbelasting in afwachting van het oordeel van de Hoge Raad zodat u geen rechten verliest indien de Hoge Raad het oordeel van het Gerechtshof zou onderschrijven in plaats van het oordeel van de A-G. Indien gewenst kan uiteraard één van onze adviseurs u daarbij assisteren.

Deloitte notes that the analysis performed by tax-i is based on publicly available cases and conclusion published on Rechtspraak.nl. This particular analysis is referring to all cases and conclusions published since 2013. Though we appreciate that Rechtspraak.nl only publishes around 5% of the cases we point out that all cases of the Hoge Raad and all conclusion are published conform article 3.a of the Besluit selectiecriteria uitspraken databank Rechtspraak.nl 2012.

Did you find this useful?