doktersassociaties

Article

Hoe uw doktersassociatie duurzaam professionaliseren?

Het expertenteam van Deloitte Private begeleidt en ontzorgt doktersassociaties in het continu wijzigend landschap van de gezondheidszorg en de toenemende fiscale complexiteit.

Credentials van Deloitte Private voor een duurzame doktersassociatie

1. Als onafhankelijk adviseur bouwen we met u mee aan een wendbaar en duurzaam partnership binnen het veranderend zorglandschap;

2. Op basis van data-analyse en RIO’s, brengen we financiële en operationele inzichten in uw associatie; met deze inventarisatie objectiveren en faciliteren we fusiegesprekken tussen associaties;

3. We leveren inzichtelijke rapportering en ontzorgen u op boekhoudkundig vlak, dit alles binnen een fiscaal veilig kader;

4. U krijgt toegang tot de know-how en inzichten van de Health Care & Life Science specialisten van Deloitte zodat u het breder beeld behoudt: hoe evolueert patiëntenzorg en welke is de invloed van technologie op uw dienst?

 

Interesse in een verkennend gesprek? Contact dan hier een van onze experten ter zake.

1. Samengaan met een andere associatie?

De verregaande maar vaak gedwongen stap om samen te gaan met een associatie van confraters, vereist een totaalbenadering. De fusie moet gebaseerd zijn op duurzame drivers. Maar ook de implementatie van een fusieakkoord vergt een passende boekhouding en rapportering.

Tijdens de fusie-onderhandelingen reiken we een methodiek aan die:

  • financiële en operationele verschillen overbrugt;
  • vermeende fusiebarrières met onderbouwde analyses objectiveert;
  • werkmethodieken en visies van beide associaties harmoniseert.

Eenmaal de fusie van start gaat:

  • voeren we een accurate boekhouding;
  • rapporteren we inzichtelijk aan beide groepen;
  • analyseren we hoe en in welke mate de fusieafspraken zich vertalen in de cijfers. We reiken oplossingen aan wanneer bijsturing wenselijk is.

2. Inzicht en transparantie als basis voor vertrouwen

Een duurzame samenwerking vereist inzicht in de werking en de cijfers van een associatie. Elk arts moet een goed begrip hebben van de operationele cyclus: van geleverde medische prestaties, daaruit gegenereerde erelonen, financiële regeling met het ziekenhuis tot en met de verdeelsleutels onder de vennoten.

Transparantie over hoe elke vennoot-arts functioneert en hoe de financiële
resultaten zijn opgebouwd, ontmijnen percepties en vooroordelen. Via een top-down analyse, wordt inzicht gebracht die tot bijsturingen en dynamisch beleid leiden. 

3. Van gelijkheid naar evenwaardigheid onder de artsen-vennoten

Doktersassociaties komen onder spanning te staan omdat RIO’s focussen op banale gelijkheidsprincipes: genereren alle vennoten evenveel honoria, zijn alle vennoten evenveel uren aanwezig, verdienen volledig ingelopen vennoten onvoorwaardelijk evenveel…

Duurzame associaties gaan uit van de diversiteit en ongelijkheid onder artsen.
Vanuit ieders specificiteit wordt bepaald hoe elke arts evenwaardig kan bijdragen aan de kwaliteit van de dienst, de financiële performantie van de associatie en de lange termijn continuïteit. Evenwaardige contributie is een set van criteria die rekening houdt met medische en niet-medische competenties, werkbelasting en veranderende werkmethoden.

4. Ziekenhuisclusters: ondergaan of anticiperen?

Binnen de hertekening van het ziekenhuislandschap vragen de ziekenhuisclusters specialisaties uit te bouwen, soms op één specifieke campus  en één werking van de diensten (een de facto fusie van de associaties). De associaties actief in de onderscheiden ziekenhuizen hebben historisch elk hun
operationeel model, een eigen cultuur en een verschillend bottom-line inkomen
per vennoot. Daarnaast leiden ziekenhuisclusters finaal ooit tot een nieuwe financiële regeling voor de totale gefuseerde dienst.

Associaties die finaal moeten samengaan hebben dus heel wat verschillen te
overbruggen. Er moet een uniforme  modus operandi gedefinieerd worden en voor een evenwaardige contributie moet een evenwaardige verdienste staan voor alle artsen. Evenwaardig impliceert niet gelijk.

Het debat met confraters van de andere associaties uitstellen is geen optie.  De integratie van twee onderscheiden diensten vraagt tijd. De financiële afspraken onder artsen kennen vaak een transitiefase. Een dienst die anticipatief gealigneerd en gefuseerd is, staat sterker in de gesprekken over beleidsplan en financiële regeling.

5. De sterkte van diversiteit binnen een doktersassociatie?

In het verdere verleden kende het carrièreverloop van een arts een zeker voorspelbaar patroon. Vóór de clustering binnen het ziekenhuislandschap, waren associaties in de regel kleiner van taille. De omgeving waarin artsen werkte was stabiel en de doorbraken in de geneeskundige kennis verliep minder snel dan in de huidige innovatief exploderende tijden.

De werking had iets weg van gilden: een associatie namen van tijd tot tijd,
meestal ter vervanging van een uittredend arts, een jonge arts bij die dan een vijftal jaar inliep tot volwaardig vennoot naar het beeld van zijn leermeesters.

Op vandaag is de geneeskundige wetenschap exponentieel aan het genereren, met meer opportuniteiten om te specialiseren. 

6. Van welke data vertrek je voor een relevante rapportering?

 

Een jaarafrekening van een associatie die vertrekt van de netto-uitkeringen door het ziekenhuis, na afhoudingen en kosten, heeft beleidsmatig geen toegevoegde waarde. Deze cijfers geven geen enkel inzicht in de onderliggende operationele realiteit en performantie van de dienst.

Een rapportering vertrekt van de brutodata van het ziekenhuis : 

  • de prestatiekorf: welke prestaties en hoeveel van elke prestatie genereert de associatie?
  • wat is de vergoeding voor de onderscheiden prestaties en hoeveel afhouding voorziet de financiële regeling?

Op die manier kan de contributiemarge van de diverse medische prestaties berekend worden. Koppelt men aan de onderscheiden prestaties ook het aantal ingezette werkdagen, dan kunnen de diverse prestaties geëvalueerd worden vanuit tijdsbesteding. Een gewijzigde focus of tijdsbesteding voor bepaalde prestaties, geeft aan hoe de marge geïmpacteerd wordt. De associatie kan uit dergelijke analytische data acties en beleidskeuzes destilleren.

De procentuele afhoudingen van de financiële regeling en vaste of forfaitaire
kosten, geven een inzicht in de afdrachten door de associatie. Als men deze
afdrachten jaarlijks kan afzetten tegenover de werkelijke kosten van het ziekenhuis, kunnen de associatie en het ziekenhuis de efficiëntie onder de loep nemen.

7. Verdeelsleutels onder de artsen-vennoten van een associatie

Het louter jaarlijks berekenen van het inkomen dat elk staflid toekomt op basis van een contractueel vastgelegde verdeling, is een gemiste kans. 
Een sterke rapportering moet een kritische evaluatie van de stafleden faciliteren. Zeker wanneer associaties zich versterken door specialisatie en dus diversiteit onder elkaar, moet voor elke rol in de associatie de contributienorm gedefinieerd worden. Pas dan zullen de stafleden fairness ervaren in de financiële verdeling van de associatiewinst.

Data van het ziekenhuis aangevuld met interne informatie en analyses, laten een jaarlijkse toets toe van het optimaal functioneren van de stafleden-vennoten. Bij varianties tussen realisaties en doelstellingen worden de oorzaken in kaart gebracht en worden op associatieniveau acties genomen voor een optimaler werking. Zo vermijdt men het soms jarenlang laten gedijen van suboptimale samenwerking en wordt niet objectiveerbaar ongenoegen onder de vennoten vermeden. Het leidt tot betere relaties in de associatie en zo ook tot een sterkere performantie van de totale associatie.

Did you find this useful?