Publicatie wetgeving Pensioenakkoord | Deloitte Nederland

Article

Publicatie wetgeving Pensioenakkoord

Elke pensioenregeling in Nederland behoeft aanpassing!

17 december 2020

Het wetsvoorstel van het Pensioenakkoord is bekend

Al sinds het ontstaan van de financiële crisis in 2008 wordt er gesproken en onderhandeld over de vernieuwing van het pensioenstelsel. Vooruitlopend op de inwerkingtreding per 1 januari 2022 is het wetsvoorstel ‘Wet toekomst pensioenen’ op 16 december jl. ter consultatie aangeboden. Het doel van dit wetsvoorstel is de aanpassing van het pensioenstelsel aan de manier waarop we in de 21e eeuw leven en werken. Hierdoor ontstaat eerder perspectief op een koopkrachtig pensioen, door het pensioen directer mee te laten bewegen met de economische ontwikkelingen.

Alle werknemers krijgen een vlakke (beschikbare) premieregeling

Het wetsvoorstel stelt dat na een overgangsfase de opbouw van pensioen alleen plaatsvindt in een premieregeling met een leeftijdsonafhankelijke (vlakke) premie. Hierbij wordt de opbouw gebaseerd op de premie en niet meer op de opbouw van een (gegarandeerde) uitkering. De ingelegde premie en het beleggingsrendement daarop bepalen het pensioen van de werknemer.

De afschaffing van de doorsneesystematiek beëindigt tevens de bestaande herverdeling tussen jongere en oudere werknemers. De maximale premie gaat 30% bedragen van het pensioengevend salaris en geldt tot 2036. Daarnaast komt hier bovenop tot 2036 een extra ruimte van 3% voor de compensatie van werknemers.

Dit betekent ook het einde van de rekenrente en de problematiek rondom dekkingsgraden. De komende jaren wordt 90% de ondergrens voor pensioenfondsen, 95% wordt de minimale ‘richtdekkingsgraad’ voor de omzetting naar het nieuwe stelsel en indexatie zal mogen vanaf 105%. De doelstelling is dat de wetgeving ingaat per 2022 met een overgangstermijn tot 2026.

Alle pensioenregelingen in Nederland worden aangepast

De introductie van de vlakke premieregeling is bedoeld voor (bedrijfstak)pensioenfondsen maar het effect hiervan is dat elke pensioenregeling in Nederland aangepast dient te worden. Een verzekerde middelloonregeling zal vanaf 2026 niet meer zijn toegestaan. De huidige beschikbare premieregelingen met een stijgende staffel mogen wel, als overgangsrecht, blijven bestaan voor de werknemers (in dienst op 31 december 2025). Hierbij gelden wel maximale (stijgende) premiepercentages oplopend van 19% tot 40%. Voor nieuwe werknemers is uiterlijk vanaf 2026 de vlakke beschikbare premieregeling van toepassing.

Het grote nadeel van het overgangsrecht is dat werkgevers decennialang twee pensioenregelingen naast elkaar hebben. Dit betekent stijgende (uitvoerings)kosten en een minder overzichtelijk arbeidsvoorwaardenpakket. Daarnaast betekent dit dat (oudere) werknemers minder snel zullen wisselen van werkgever. Dit verslechtert naar onze mening de arbeidsmobiliteit van deze groep werknemers.

Een nieuw nabestaandenpensioen

Naast de vernieuwing van het pensioen voor de werknemer zelf, wordt ook het nabestaandenpensioen vernieuwd. Deze vernieuwing betekent een grote stap in de vereenvoudiging van het nabestaandenpensioen. Allereerst geldt een uniform partnerbegrip, waar dat nu nog verschilt per pensioenregeling. Daarnaast is het nabestaandenpensioen gebaseerd op een percentage van het huidige (volledige) salaris. Dit percentage is maximaal 50% voor het partnerpensioen en 20% voor het wezenpensioen.

Wat betekent het wetsvoorstel voor u als werkgever?

Door deze nieuwe wetgeving moeten alle pensioenregelingen in Nederland worden aangepast! Ondanks de overgangstermijn voor bestaande pensioenregelingen zijn er diverse redenen om al eerder over te stappen op de vlakke beschikbare premie. Denk aan het financiële aspect (stijgende premielast door zittende werknemers), de wijziging van het arbeidsvoorwaardenpakket en het einde van het pensioencontract. Daarnaast is de werkgever verplicht om een transitieplan op te stellen vóór 2024 als de regeling dan nog niet aangepast is aan de nieuwe wetgeving.

Het wetsvoorstel ligt er, maar de grote vraag is: en wat nu? Op 2 februari 2021 organiseren wij een webinar waarin we antwoord geven op deze vraag.

Did you find this useful?